Prijsverificatie op basis van een 'gelijkaardige eerdere opdracht' vereist een daadwerkelijke en onderbouwde vergelijking — een referentie die 28 keer groter is zonder volumecorrectie volstaat niet
De Raad van State schorst voor de derde maal de gunning van een opdracht voor medische postbedeling door SC HUMANI, omdat de prijsverificatie steunde op een zogenaamd gelijkaardige opdracht van de intercommunale ISPPC uit 2018 die 28 keer groter was, zonder enige herberekening om het prijsverschil te corrigeren voor de verschillende volumes — waardoor een reconstructie juist een prijs opleverde die 44 procent hoger lag dan de aanvaarde offerte — en zonder de beweerde marktontwikkeling sinds 2018 te staven.
What happened?
SC HUMANI schreef via onderhandelingsprocedure zonder voorafgaande bekendmaking een opdracht voor diensten uit met als voorwerp de bedeling van medische post en het transport van pakjes voor de periode 2024-2026. De opdracht werd geraamd op 114.338 euro excl. btw, onder de Europese drempel van 443.000 euro. Op 26 juni 2024 keurde het uitvoerend bureau het bestek goed en besloot vier ondernemingen te consulteren: DDP Messagerie, Brussels Business Courrier, Postalia Belgium en bpost. Uiterlijk op 22 juli 2024 werden twee offertes ontvangen: SRL DDP Messagerie en SRL Postalia Belgium. De gunningscriteria waren prijs (gewicht 95) en het bezit van een ISO 9001-certificering (gewicht 5). Op 4 september 2024 gunde het uitvoerend bureau de opdracht aan Postalia Belgium voor 55.750 euro excl. btw. DDP Messagerie stelde op 26 september 2024 een eerste vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid in. Op 2 oktober 2024 trok HUMANI de gunningsbeslissing in, erkennend dat de motivering van de prijsverificatie gebrekkig was. Op 11 december 2024 nam het uitvoerend bureau een tweede gunningsbeslissing ten gunste van Postalia Belgium. DDP Messagerie stelde op 3 januari 2025 een tweede vordering in. Op 17 januari 2025 trok HUMANI ook deze beslissing in, erkennend dat er voldoende ernstige risico's op vernietiging bestonden — met name had zij verwezen naar 'statistische gegevens van gelijkaardige markten' terwijl zij slechts over een vergelijking met één eigen eerdere opdracht beschikte. Op 24 januari 2025 werd een nieuw verslag van nazicht opgesteld met een uitvoerige prijsverificatie. Op 7 april 2025 nam het uitvoerend bureau een derde gunningsbeslissing ten gunste van Postalia Belgium voor hetzelfde bedrag van 55.750 euro excl. btw. DDP Messagerie stelde op 27 april 2025 een derde vordering tot schorsing in. Bij beschikking van 28 april 2025 werd de procedurekalender vastgesteld en de zaak bepaald op 21 mei 2025. SRL Postalia Belgium vroeg bij verzoekschrift van 9 mei 2025 om in het geding te mogen tussenkomen; dit verzoek werd ingewilligd. Staatsraad Xavier Close bracht als waarnemend voorzitter verslag uit en eerste auditeur Constantin Nikis gaf een met het arrest eensluidend advies. HUMANI betwistte de ontvankelijkheid met het argument dat DDP Messagerie geen belang had nu zij met geen enkel middel kon aantonen opnieuw kans te maken op gunning. De Raad verwierp deze exceptie: de ontvankelijkheid vereist enkel dat de verzoekende partij belang had bij het verkrijgen van de opdracht en dat de beweerde schendingen haar hebben gelaesd of dreigden te laeseren. In de eerste tak van het eerste middel betwistte DDP Messagerie de prijsverificatie van de totaalprijzen. De gunningsbeslissing motiveerde de normaliteit van de totaalprijzen op twee gronden: enerzijds een vergelijking met een 'gelijkaardige eerdere opdracht', anderzijds het feit dat geen enkele totaalprijs meer dan 15 procent afweek van het gemiddelde van beide offertes. Over de eerste grond: HUMANI legde een tabel voor die de eenheidsprijzen vergeleek met een opdracht van de intercommunale ISPPC uit 2018 voor hetzelfde voorwerp. Die referentieopdracht had echter een waarde van 1.571.341,24 euro excl. btw voor vier jaar — 28 keer het bedrag van de huidige opdracht. HUMANI had geen enkele berekening gemaakt om de prijzen te corrigeren voor dit enorme volumeverschil. De Raad merkte op dat wanneer men de eenheidsprijzen uit de referentieopdracht zou vermenigvuldigen met de hoeveelheden van de huidige opdracht, de gereconstrueerde prijs 80.280 euro excl. btw zou bedragen — 44 procent hoger dan de aanvaarde offerte van 55.750 euro. De referentie staafde dus niet de normaliteit van de prijs maar stelde die juist in vraag. HUMANI voerde aan dat de postmarkt sinds 2018 was geëvolueerd door de verschuiving naar elektronische verzendingen, maar onderbouwde die stelling niet vanuit het administratief dossier. De Raad oordeelde dat deze bewering bovendien de pertinentie van de referentie uit 2018 ondermijnde in plaats van te ondersteunen. Over de samenloop van motieven: nu de gunningsbeslissing op meerdere motieven steunde zonder aan te geven welk motief doorslaggevend was, waren alle motieven even noodzakelijk en volstond de onwettigheid van één motief om de hele beslissing aan te tasten. De schorsing werd bevolen. De kosten werden gereserveerd.
Why does this matter?
Dit arrest illustreert drie principes. Ten eerste: een prijsverificatie op basis van een 'gelijkaardige eerdere opdracht' vereist meer dan een loutere verwijzing — de aanbestedende overheid moet aantonen dat de referentie daadwerkelijk vergelijkbaar is, en als de volumes substantieel verschillen, moet zij een berekening maken die de prijzen corrigeert. Ten tweede: wanneer de herberekening juist aantoont dat de referentieprijs hoger zou uitvallen dan de aanvaarde offerte, ondersteunt de referentie de normaliteit niet maar ondermijnt zij die. Ten derde: wanneer een beslissing op meerdere motieven steunt zonder aan te geven welk motief doorslaggevend is, volstaat de onwettigheid van één motief om de hele beslissing aan te tasten.
The lesson
Als je een prijsverificatie baseert op een eerdere opdracht, controleer dan of die referentie werkelijk vergelijkbaar is qua volume en marktomstandigheden. Wanneer de volumes substantieel verschillen, maak dan een transparante herberekening die de eenheidsprijzen van de referentie toepast op de hoeveelheden van de huidige opdracht. Doe je dat niet, dan draagt je referentie je conclusie niet. En als je beweert dat de markt is geëvolueerd, staaf dat dan concreet — anders ondermijn je juist de pertinentie van je eigen referentie.
Ask yourself
Is de referentieopdracht waarmee ik mijn prijsverificatie onderbouw werkelijk vergelijkbaar qua volume — en heb ik, als de volumes substantieel verschillen, een transparante herberekening gemaakt die mijn conclusie daadwerkelijk staaft in plaats van ondermijnt?
About this database
The Council of State (Raad van State / Conseil d'État) is Belgium's supreme administrative court. In disputes over public procurement — from contract awards to tenderer exclusions — the Council of State is the final arbiter. The rulings in this database are summarised by TenderWolf in plain language, with practical lessons for tenderers and contracting authorities. View all rulings →