opheffing_schorsing Nederlandstalig college

Debiteurenbeheer in Bonheiden: veertien maanden na de UDN-schorsing heft de Raad ze op — de gemeente had al ingetrokken en betaalt 700 euro

Arrest nr. 255136 · 29 november 2022 · XIIe kamer

De tijdelijke handelsvennootschap van de gerechtsdeurwaarderskantoren Modero Antwerpen en Modero Mechelen verkreeg op 14 september 2021 de UDN-schorsing van de gunning van het debiteurenbeheer van de gemeente Bonheiden aan Equalis, waarna de gemeente die gunning op 28 september 2021 introk; omdat geen beroep tot nietigverklaring volgde, hief de Raad van State op 29 november 2022 de schorsing verplicht op, maar legde hij rolrecht, bijdrage en 700 euro rechtsplegingsvergoeding bij de gemeente, die door haar intrekking de verliezende partij bleef.

Wat gebeurde er?

De gemeente Bonheiden keurde op 3 augustus 2021 het verslag van nazicht van de offertes van 28 juli 2021 goed en gunde de dienstenopdracht ‘Debiteurenbeheer openstaande vorderingen via gerechtsdeurwaarder’ aan de bv Equalis. De tijdelijke handelsvennootschap van de nv Modero Gerechtsdeurwaarders Antwerpen en de bv Gerechtsdeurwaarderskantoor Jan Wouters (Modero Mechelen), wier offerte niet werd gekozen, vorderde op 20 augustus 2021 de schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid van de gunning en van de impliciete weigering om aan haar te gunnen. Bij arrest nr. 251.465 van 14 september 2021 beval de Raad van State de schorsing. Twee weken later, op 28 september 2021, trok het college van burgemeester en schepenen de bestreden beslissing in; het meldde dat pas met een brief van 13 september 2022 aan de Raad. De verzoekende partijen dienden na hun UDN-vordering geen verzoekschrift tot nietigverklaring in. Op voorstel van de kamervoorzitter van 12 september 2022 werd de zaak zonder terechtzitting behandeld en op 22 november 2022 in beraad genomen. De Raad stelde vast dat artikel 17, § 4, derde lid van de gecoördineerde wetten hem in dat geval verplicht de uitgesproken schorsing op te heffen, en deed dat. Gelet op de intrekking legde hij de kosten van de UDN-vordering — het rolrecht van 400 euro, een bijdrage van 20 euro en de door de verzoekende partijen gevraagde rechtsplegingsvergoeding van 700 euro — ten laste van de gemeente. Equalis droeg als tussenkomende partij het rolrecht van 150 euro voor haar tussenkomst. Kamervoorzitter Paul Lemmens wees dezelfde dag twee arresten met hetzelfde stramien, nrs. 255.134 en 255.135.

Waarom doet dit ertoe?

Dit arrest is de Bonheidense variant van een mechanisme dat elke inschrijver die ooit een UDN wint, moet kennen: een schorsing overleeft niet zonder annulatieberoep. De wetgever wil niet dat een voorlopige maatregel eindeloos blijft hangen; wie ze verkrijgt, moet doorzetten of ze verliezen. In Bonheiden was doorzetten zinloos geworden — de gemeente had de gunning twee weken na het UDN-arrest al ingetrokken — en dus liet Modero het annulatieberoep bewust achterwege. Het gevolg is een arrest dat op het eerste gezicht tegen de verzoekers lijkt te gaan (de schorsing wordt opgeheven) maar hen in werkelijkheid volledig gelijk geeft: de gunning aan Equalis is verdwenen en de gemeente betaalt alles, tot de rechtsplegingsvergoeding toe. Opvallend is de tijdslijn. De intrekking dateert van september 2021, de melding ervan aan de Raad van september 2022, het arrest van november 2022. Een geschorste zaak blijft dus ruim een jaar op de rol staan tot de Raad ze formeel afsluit, en pas dan is de kostenveroordeling er. Voor gemeenten is dat een argument om de intrekking meteen te melden; voor inschrijvers om de rechtsplegingsvergoeding uitdrukkelijk te vorderen in het UDN-verzoekschrift, want dat is het bedrag dat de Raad toekent. Dat het om een opdracht voor gerechtsdeurwaarders ging, toont ten slotte dat ook dienstenopdrachten van bescheiden omvang bij lokale besturen hun weg naar de Raad vinden — en dat een UDN daar in een paar weken tot een intrekking kan leiden.

De les

Voor inschrijvers: een gewonnen UDN dwingt u tot een keuze binnen de beroepstermijn. Heeft de aanbesteder de gunning formeel ingetrokken, dan kunt u het annulatieberoep laten; de opheffing van de schorsing die dan volgt, is een formaliteit en de kosten komen bij de aanbesteder terecht. Is er géén intrekking, stel dan het annulatieberoep in, anders herleeft de gunning. Vorder in uw UDN-verzoekschrift altijd uitdrukkelijk de rechtsplegingsvergoeding — de Raad kent het gevraagde bedrag toe, hier 700 euro. Voor aanbesteders: een snelle intrekking na een verloren UDN, zoals Bonheiden deed, beperkt de schade en laat u de opdracht overdoen, maar de kosten van de UDN-procedure blijven voor u. Meld de intrekking onmiddellijk aan de Raad in plaats van een jaar te wachten, zodat de zaak van de rol kan en de onzekerheid voor alle partijen eindigt.

Te onthouden

  • Zonder beroep tot nietigverklaring heft de Raad de UDN-schorsing verplicht op (art. 17, § 4, derde lid); hij heeft daarin geen keuze.
  • Na intrekking van de bestreden beslissing draagt de aanbesteder de kosten van de UDN-vordering: hier 400 euro rolrecht, 20 euro bijdrage en 700 euro rechtsplegingsvergoeding.
  • De tussenkomende begunstigde betaalt enkel het rolrecht van haar tussenkomst (150 euro).
  • De intrekking (28 september 2021) werd pas een jaar later (13 september 2022) aan de Raad gemeld; het arrest volgde op 29 november 2022.
  • Een van drie gelijklopende arresten van dezelfde dag (nrs. 255.134, 255.135 en 255.136).

Waarop letten

  • Het onderscheid tussen het dictum (opheffing) en de werkelijke uitkomst (gunning verdwenen, aanbesteder betaalt).
  • De termijn voor het annulatieberoep na een UDN-arrest en de voorwaarde waaronder u ze mag laten verstrijken: een formele intrekking.
  • De rechtsplegingsvergoeding wordt toegekend zoals gevraagd; vergeet ze niet te vorderen.
  • De lange doorlooptijd tussen intrekking en formele afsluiting wanneer de intrekking laat wordt gemeld.

Stel jezelf de vraag

Weet u dat uw UDN-schorsing verplicht wordt opgeheven als u geen beroep tot nietigverklaring instelt, en hebt u die termijn genoteerd? Hebt u, vooraleer u het annulatieberoep laat vallen, gecontroleerd dat de aanbesteder de gunning formeel heeft ingetrokken en niet enkel aangekondigd? Staat de rechtsplegingsvergoeding uitdrukkelijk in uw UDN-verzoekschrift? Als aanbesteder: hebt u na de intrekking van een geschorste gunning de Raad meteen ingelicht, en hebt u de kosten en de rechtsplegingsvergoeding gebudgetteerd als de prijs van uw koerswijziging?

Gerelateerde arresten

Over deze databank

De Raad van State is het hoogste administratieve rechtscollege in België. Bij geschillen over overheidsopdrachten — van de gunning van een contract tot de uitsluiting van een inschrijver — is het de Raad van State die in laatste instantie oordeelt. De arresten in deze databank zijn door TenderWolf samengevat in begrijpelijke taal, met concrete lessen voor inschrijvers en aanbestedende overheden. Bekijk alle arresten →