Verwerping schorsingsvordering kalandertreinen: verzoekende partij toont niet aan dat gekozen offerte niet conform is aan technische specificatie luchtstroomtrechter
De Raad van State verwerpt de vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid tegen de gunning van een raamovereenkomst voor kalandertreinen aan Kannegiesser France, omdat de verzoekende partij (Jensen Group) niet aantoont dat de offerte van de gekozen inschrijver niet is uitgerust met de door het bestek vereiste luchtstroomtrechter voor de feeders van kaandertreinen 2 en 3.
Wat gebeurde er?
Het OCMW van Brussel schrijft via een openbare procedure een raamovereenkomst uit voor de levering van kalandertreinen (industriële strijkmachines met walsen voor linnengoed) ten behoeve van zijn wasserij die 80 ton wasgoed per week verwerkt. De opdracht omvat de aankoop, plaatsing, ingebruikstelling en opleiding voor drie kalanderlijnen. Twee inschrijvers dienen een offerte in: NV Jensen Group en SAS Kannegiesser France. De vier gunningscriteria zijn prijs (50 punten), rendement (20 punten), kwaliteit (20 punten) en vermindering van de milieu-impact (10 punten). Na beoordeling scoort Jensen 93,32 punten en Kannegiesser 97,41 punten. De raad voor maatschappelijk welzijn gunt de opdracht op 20 december 2023 aan Kannegiesser. Jensen Group stelt een vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid in bij de Raad van State. In haar enig middel betoogt Jensen dat de feeders van Kannegiesser voor de kaandertreinen 2 en 3 niet beschikken over een luchtstroomtrechter voor het ontkreuken van het linnen (« trémie d'écoulement d'air permettant un défroissage efficace du linge »), een technische specificatie die het bestek als minimale eis voorschrijft. Volgens Jensen biedt Kannegiesser een feeder aan (type « ErgoSpeed EMH ») die het linnen na invoering onmiddellijk naar de kalander brengt, zonder de tussenruimte waarin het linnen wordt afgezogen. De offerte van Kannegiesser had daarom substantieel onregelmatig moeten worden verklaard op grond van artikel 76, § 3, KB plaatsing 2017. De Raad van State stelt vast dat hij niet zelf de technische mogelijkheden van de voorgestelde oplossingen beoordeelt — dat komt toe aan de aanbestedende overheid. Uit de offerte van Kannegiesser, de toelichting ter terechtzitting en de bevestiging van het OCMW (mede op basis van een plaatsbezoek) blijkt op het eerste gezicht dat de aangeboden feeder wel degelijk beschikt over een luchtstroomtrechter, minstens over een lege ruimte of trechter. Dat het bestek een mechanische luchtstroom door middel van ventilatoren zou eisen, wordt niet aangetoond. Jensen slaagt er niet in te bewijzen dat de Kannegiesser-feeder niet conform is of dat het ontbreken van een afzuigsysteem met ventilatoren als een substantiële afwijking moet worden beschouwd. Het uitgangspunt van het middel — dat Kannegiesser feeders zonder luchtstroomtrechter aanbood — mist op het eerste gezicht feitelijke grondslag. Het enig middel is niet ernstig en de vordering wordt verworpen.
Waarom doet dit ertoe?
Dit arrest illustreert de terughoudendheid van de Raad van State bij de beoordeling van technische conformiteit van offertes. De Raad treedt niet in de plaats van de aanbestedende overheid om te oordelen of een technische oplossing al dan niet aan de bestekspecificaties voldoet — die beoordeling komt toe aan het bestuur zelf. De verzoekende partij draagt de bewijslast: zij moet aantonen dat de offerte van de concurrent niet conform is, en bovendien dat de afwijking substantieel is. Een eigen interpretatie van wat een technische specificatie vereist (hier: mechanische afzuiging met ventilatoren versus een trechter of lege ruimte) volstaat niet als die interpretatie niet uit het bestek zelf voortvloeit.
De les
Wie een concurrent wil laten uitsluiten wegens niet-conformiteit met technische specificaties, moet twee drempels nemen: aantonen dat de aangeboden oplossing niet voldoet aan wat het bestek eist, en aantonen dat die afwijking substantieel is. De Raad van State beoordeelt de technische conformiteit niet zelf maar toetst of het bestuur van de juiste feiten is uitgegaan en binnen de grenzen van de redelijkheid heeft geoordeeld. Formuleer uw technische specificaties daarom eenduidig: als u een specifiek werkingsprincipe eist (zoals mechanische luchtafzuiging), schrijf dat dan letterlijk voor. Vage of functionele omschrijvingen laten ruimte voor alternatieve oplossingen.
Stel jezelf de vraag
Als aanbestedende overheid: heb ik bij de beoordeling van technische conformiteit zelf vastgesteld of de aangeboden oplossing voldoet aan de bestekspecificaties, en dit gemotiveerd? Als inschrijver die een concurrent wil betwisten: kan ik concreet bewijzen dat de concurrent niet voldoet aan een minimale technische eis, en dat die afwijking substantieel is? Of berust mijn kritiek op een eigen, ruimere interpretatie van wat het bestek eist?
Over deze databank
De Raad van State is het hoogste administratieve rechtscollege in België. Bij geschillen over overheidsopdrachten — van de gunning van een contract tot de uitsluiting van een inschrijver — is het de Raad van State die in laatste instantie oordeelt. De arresten in deze databank zijn door TenderWolf samengevat in begrijpelijke taal, met concrete lessen voor inschrijvers en aanbestedende overheden. Bekijk alle arresten →