zonder_voorwerp Nederlandstalig college

Tien dagen na je UDN-vordering trekt de aanbesteder zelf de gunning in — en draait op voor de kosten

Arrest nr. 259004 · 1 maart 2024 · XIIe kamer

De Raad van State verwerpt de UDN-vordering van NV Monument Vandekerckhove als zonder voorwerp omdat de stad Wervik tien dagen na het beroep zelf de gunning aan NV Francovera intrekt, maar legt alle procedurekosten (€994) ten laste van de stad.

Wat gebeurde er?

Op 15 januari 2024 nam het college van burgemeester en schepenen van Wervik een samengestelde beslissing over de overheidsopdracht voor werken 'Renovatie d'Arke - lot 1: restauratie en ruwbouw' (ref. 2023008-GEB014): selectie van NV Francovera, gunning aan NV Francovera én niet-gunning aan de NV Monument Vandekerckhove. Monument Vandekerckhove — een Kortrijkse restauratie-aannemer die voor dit soort erfgoedopdrachten vaak in de running zit — was het daar niet mee eens en diende op 9 februari 2024 bij de Raad van State een vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid in. Wat dan gebeurde is typisch voor dit soort contentieux: tien dagen later, op 19 februari 2024, trok het college van Wervik de bestreden beslissing zelf in. Geen inhoudelijke terechtzitting meer nodig — het voorwerp van de vordering was weg. Op de zitting van 29 februari 2024 bevestigde de auditeur (eerste auditeur-afdelingshoofd Ann Eylenbosch) dan ook dat de vordering zonder voorwerp was of minstens dat de verzoekende partij haar belang had verloren. De Raad van State, in de persoon van waarnemend voorzitter Inge Vos, volgde dat advies. In één korte beslissing (drie pagina's) verwierp hij de vordering. Maar — en dit is het cruciale punt — hij legde alle kosten ten laste van de stad Wervik: een rolrecht van €200, een bijdrage van €24 en een rechtsplegingsvergoeding van €770, samen €994, te betalen aan Monument Vandekerckhove. De reden: 'In de gegeven omstandigheden past het de kosten ten laste van de verwerende partij te leggen.' De stad had de aanvechtbare beslissing zelf ingetrokken, wat impliceerde dat er iets mis was — en de verzoekende partij had redelijkerwijs mogen aannemen dat haar beroep een kans had. Een technische noot: zelfs de term 'verwerpt' is misleidend. De vordering wordt verworpen, maar alleen omdat ze zonder voorwerp is — niet omdat de Raad van State heeft geoordeeld dat de gunning rechtmatig was. De verzoekende partij had, materieel gezien, gewonnen.

Waarom doet dit ertoe?

Veel bid managers aarzelen om een UDN-vordering in te dienen omdat ze het zien als een zware, dure procedure met onzekere uitkomst. Dit arrest toont een ander scenario: de aanbesteder trekt de beslissing zelf in voor de inhoudelijke behandeling begint, wellicht omdat zijn juridische dienst bij het lezen van het verzoekschrift tot de conclusie komt dat de gunning niet houdbaar is. Dat gebeurt vaker dan je denkt — en als het gebeurt, krijg je je rolrechten en een rechtsplegingsvergoeding terug. Voor de aanbesteder is dit natuurlijk vervelend: je neemt een beslissing, je wordt aangevallen, je herziet, en dan moet je €994 betalen én een nieuwe procedure opstarten. Maar voor de uitgesloten of niet-gekozen inschrijver is het een gunstig scenario: geen inhoudelijk arrest (dat kan later nog komen bij een herstelbeslissing) maar wel het terugwinnen van de procedurekost.

De les

Als je als inschrijver een ernstige fundering hebt om een gunning aan te vechten, laat je niet afschrikken door het kostenplaatje. Een UDN-vordering kost €200 rolrecht + €24 bijdrage (plus advocaatkosten), maar als de aanbesteder beslist om in te trekken — wat regelmatig gebeurt zodra zijn juridische dienst de vordering leest — recupereer je die kosten én krijg je een rechtsplegingsvergoeding van €770. Voor aanbesteders: als je bij het lezen van een UDN-verzoekschrift tot de vaststelling komt dat de gunningsbeslissing niet houdbaar is, trek dan zo snel mogelijk in. Je betaalt de kosten van de procedure, maar je vermijdt een inhoudelijk schorsingsarrest dat later in andere zaken tegen je kan worden aangehaald.

Te onthouden

  • Als de aanbesteder de bestreden beslissing intrekt vóór het arrest, is de vordering zonder voorwerp — maar de kosten worden ten laste van de aanbesteder gelegd
  • Een standaard kostenveroordeling bij UDN bedraagt €200 rolrecht + €24 bijdrage + €770 rechtsplegingsvergoeding = €994
  • De formulering 'De Raad van State verwerpt de vordering' is technisch juist maar misleidend: het is een procedurele verwerping (zonder voorwerp), geen inhoudelijke afwijzing
  • Intrekking door de aanbesteder gebeurt regelmatig na UDN-beroep en is vaak een teken dat de gunningsbeslissing niet houdbaar was

Waarop letten

  • Als inschrijver: een intrekking door de aanbesteder is geen procedureel verlies — je recupereert je kosten
  • Als inschrijver: na intrekking volgt vaak een herstelbeslissing — blijf alert want die kan nog steeds in je nadeel uitvallen
  • Als aanbesteder: een aangevochten gunning die je niet kan verdedigen, trek je best zo snel mogelijk in — elke dag uitstel verhoogt je blootstelling

Stel jezelf de vraag

Als je overweegt een UDN-vordering in te dienen: heb je een ernstig middel (bv. een motiveringsgebrek, een verkeerde beoordeling van een knock-out criterium, een manifeste inbreuk op het bestek)? Zo ja, ga ervoor — zelfs als je denkt dat de kans op een inhoudelijk arrest klein is. Als je aanbesteder bent: als je gunningsbeslissing wordt aangevochten en je juridische dienst twijfelt, berekenen dan of het goedkoper is om in te trekken (€994 + verloren tijd) dan om een schorsings- of vernietigingsarrest te riskeren.

Gerelateerde arresten

Over deze databank

De Raad van State is het hoogste administratieve rechtscollege in België. Bij geschillen over overheidsopdrachten — van de gunning van een contract tot de uitsluiting van een inschrijver — is het de Raad van State die in laatste instantie oordeelt. De arresten in deze databank zijn door TenderWolf samengevat in begrijpelijke taal, met concrete lessen voor inschrijvers en aanbestedende overheden. Bekijk alle arresten →