Andere Franstalig college

ENVU laat haar beroep tegen Infrabel stilvallen en verliest toch niets: afstand van geding, maar Infrabel betaalt de kosten omdat het zelf had ingetrokken

Arrest nr. 267776 · 23 september 2026 · VIe kamer

Nadat Infrabel zijn beslissing om de offerte van ENVU voor de onkruidbestrijdingstrein onregelmatig te verklaren had ingetrokken en de schorsingsvordering was verworpen, vroeg ENVU niet om de voortzetting van haar annulatieberoep; de Raad van State stelt de afstand van geding vast, maar legt wegens die intrekking alle kosten, inclusief 770 euro rechtsplegingsvergoeding, bij Infrabel.

Wat gebeurde er?

Infrabel schreef een overheidsopdracht voor diensten uit voor de onkruidbestrijding van de hoofdsporen van zijn net: de huur van een onkruidbestrijdingstrein, met gekwalificeerd personeel. Op een onbekende datum verklaarde Infrabel de offerte van de Franse vennootschap Environmental Science FR (ENVU) onregelmatig en gunde het de opdracht aan een andere inschrijver. ENVU vorderde de schorsing van die beslissing en stelde op 16 februari 2026 een annulatieberoep in. Op 3 maart 2026 trok Infrabel de bestreden beslissing in. Bij arrest nr. 266.107 van 19 maart 2026 verwierp de Raad van State de vordering tot schorsing. Daarna bleef het stil aan de kant van ENVU. Artikel 17, § 10, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State bepaalt dat een verzoeker wordt vermoed afstand te doen van het geding wanneer hij, na de verwerping van zijn schorsingsvordering, niet binnen dertig dagen na de kennisgeving van dat arrest een verzoek tot voortzetting van de procedure indient. ENVU diende zo’n verzoek niet in. Auditeur Marie Lambert de Rouvroit vroeg op 12 mei 2026 de toepassing van de vereenvoudigde procedure van artikel 11/3 van het algemeen procedurereglement, en de griffie liet ENVU op 18 mei 2026 weten dat de kamer de afstand van geding zou vaststellen, tenzij zij binnen vijftien dagen vroeg om te worden gehoord. Ook dat gebeurde niet. Wel vroeg ENVU om de kosten ten laste van Infrabel te leggen, met inbegrip van de rechtsplegingsvergoeding tegen het basisbedrag van 770 euro. De voorzitter van de VIe kamer stelde de afstand van geding vast, maar willigde het kostenverzoek in ‘wegens de tussengekomen intrekking’: Infrabel draagt het rolrecht van 200 euro, de bijdrage van 26 euro en de rechtsplegingsvergoeding van 770 euro.

Waarom doet dit ertoe?

Afstand van geding klinkt als opgeven, en het vermoeden van artikel 17, § 10, dient om procedures af te sluiten die de verzoeker na een verworpen schorsingsvordering niet meer actief voert. Dit arrest toont dat het in de praktijk ook gewoon de logische afsluiting kan zijn van een beroep dat zijn doel al heeft bereikt. Infrabel had de bestreden beslissing zelf ingetrokken, waardoor ENVU geen reden meer had om de vernietiging verder na te streven. Door geen verzoek tot voortzetting in te dienen, liet zij de procedure op de eenvoudigste manier eindigen. Het doorslaggevende element is de kostenregeling: de Raad kijkt voorbij de procedurele vorm naar de oorzaak van het einde van het geding, en dat is de intrekking door Infrabel. Daarom draagt Infrabel de kosten en de rechtsplegingsvergoeding. Samen met arrest nr. 266.107 vormt dit arrest het volledige verloop van één dossier: een gunning die wordt aangevochten, een aanbesteder die zijn beslissing intrekt, en een procedure die op twee momenten zonder inhoudelijk oordeel eindigt — en waarin de kosten uiteindelijk bij de aanbesteder terechtkomen.

De les

Voor inschrijvers: heeft de aanbesteder de beslissing die u aanvecht ingetrokken, dan hoeft u uw annulatieberoep niet krampachtig voort te zetten. U kunt het vermoeden van afstand van geding laten spelen, maar vorder dan wel uitdrukkelijk dat de kosten en de rechtsplegingsvergoeding ten laste van de aanbesteder worden gelegd, met verwijzing naar de intrekking. Hou ook de termijnen in het oog: dertig dagen na de kennisgeving van het schorsingsarrest voor een verzoek tot voortzetting, vijftien dagen na de brief van de griffie om te vragen gehoord te worden. Voor aanbesteders: een intrekking beëindigt het geschil, maar niet de kostenrekening. Ook als de verzoeker het beroep laat vallen, kan de Raad de kosten bij u leggen omdat u met de intrekking zelf de oorzaak van het einde van de procedure was.

Te onthouden

  • Wie na de verwerping van een schorsingsvordering niet binnen dertig dagen na de kennisgeving een verzoek tot voortzetting indient, wordt vermoed afstand te doen van het geding (art. 17, § 10, gecoördineerde wetten op de Raad van State).
  • Na de brief van de griffie had ENVU nog vijftien dagen om te vragen gehoord te worden; zij deed dat niet en de afstand werd vastgesteld.
  • Infrabel had de bestreden beslissing al op 3 maart 2026 ingetrokken, nog vóór het schorsingsarrest nr. 266.107 van 19 maart 2026.
  • Wegens die intrekking draagt Infrabel de kosten: rolrecht van 200 euro, bijdrage van 26 euro en rechtsplegingsvergoeding van 770 euro.
  • De verzoeker moet de kosten en de rechtsplegingsvergoeding wel uitdrukkelijk vorderen.

Waarop letten

  • De termijn van dertig dagen voor een verzoek tot voortzetting na een verworpen schorsingsvordering.
  • De brief van de griffie in de vereenvoudigde procedure van artikel 11/3 en de termijn van vijftien dagen om te vragen gehoord te worden.
  • Een uitdrukkelijke vordering van de kosten en de rechtsplegingsvergoeding, met verwijzing naar de intrekking.
  • Een eventuele nieuwe beslissing van de aanbesteder na de intrekking.

Stel jezelf de vraag

Als inschrijver: is de bestreden beslissing ingetrokken, en heb ik bewust gekozen om de procedure al dan niet voort te zetten? Heb ik, als ik geen voortzetting vraag, uitdrukkelijk gevorderd dat de kosten en de rechtsplegingsvergoeding ten laste van de aanbesteder komen? Ken ik de termijn van dertig dagen voor een verzoek tot voortzetting na een verworpen schorsingsvordering? Volg ik op of de aanbesteder na de intrekking een nieuwe beslissing neemt? Als aanbesteder: besef ik dat een intrekking na het instellen van een beroep mij de kosten kan opleveren, ook als de verzoeker afstand doet?

Gerelateerde arresten

Over deze databank

De Raad van State is het hoogste administratieve rechtscollege in België. Bij geschillen over overheidsopdrachten — van de gunning van een contract tot de uitsluiting van een inschrijver — is het de Raad van State die in laatste instantie oordeelt. De arresten in deze databank zijn door TenderWolf samengevat in begrijpelijke taal, met concrete lessen voor inschrijvers en aanbestedende overheden. Bekijk alle arresten →