Strijd om de AM30-treinen van de NMBS eindigt met een afstand: na de verworpen schorsing trekken de verzoekers hun annulatieberoep in en dragen de kosten
Nadat hun schorsingsvordering al was verworpen, deden de GmbH S. en de NV S. afstand van hun beroep tot nietigverklaring tegen de beslissing van de raad van bestuur van de NMBS van 23 juli 2025 waarbij een voorkeursbieder voor de AM30-treinen werd aangewezen; de Raad van State verleende akte van die afstand en verwees de verzoekers, elk voor de helft, in de kosten — een rolrecht van 400 euro, een bijdrage van 26 euro en een rechtsplegingsvergoeding van 770 euro voor de NMBS.
Wat gebeurde er?
De raad van bestuur van de NMBS wees op 23 juli 2025 een voorkeursbieder aan met het oog op de toewijzing van de opdracht voor de AM30-treinen. Tegen die gemotiveerde beslissing stelden de GmbH S. en de NV S. op 22 september 2025 een beroep tot nietigverklaring in, voor zover de beslissing (i) de eerste tussenkomende partij als voorkeursbieder aanwees, (ii) de verzoekende partijen en de tweede tussenkomende partij in de wachtkamer plaatste, en (iii) goedkeuring verleende om met de voorkeursbieder te onderhandelen over de contractuele documenten. Bij arrest nr. 264.231 van 19 september 2025 had de Raad van State de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van diezelfde beslissing al verworpen; tegelijk werden de tussenkomsten van de SA C. en de NV A. ingewilligd en de overige tussenkomstverzoeken verworpen. In de annulatiefase wisselden de verwerende partij en de twee tussenkomende partijen memories. Bij brief van 15 januari 2026 deelden de verzoekende partijen de Raad echter mee dat zij afstand deden van het geding. De Raad verleende akte van die afstand en verwees de GmbH S. en de NV S., elk voor de helft, in de kosten van het beroep tot nietigverklaring: een rolrecht van 400 euro, een bijdrage van 26 euro en een rechtsplegingsvergoeding van 770 euro, verschuldigd aan de NMBS. De zaak werd zonder openbare terechtzitting behandeld en op 22 april 2026 in beraad genomen.
Waarom doet dit ertoe?
De aanwijzing van een voorkeursbieder en het in de wachtkamer plaatsen van de andere gegadigden zijn typische tussenstappen in een complexe, onderhandelde opdracht zoals de aankoop van rollend materieel. Het arrest toont hoe zo’n betwisting in de praktijk vaak eindigt: niet met een inhoudelijk oordeel, maar met een procedurele afronding. De verzoekers hadden de eerste, snelle ronde — de schorsing — al verloren bij arrest nr. 264.231; toen zij vervolgens het annulatieberoep niet voortzetten en afstand deden, verleende de Raad daarvan akte zonder de grond van de zaak te onderzoeken. De kostenregeling is het sluitstuk: wie afstand doet, is de in het ongelijk gestelde partij en draagt de kosten. Voor de praktijk ligt de waarde in de timing en de inzet: een verworpen schorsing is geen formele beslissing over de wettigheid, maar ze weegt zwaar op de slaagkansen en op de beslissing om al dan niet door te zetten. Het arrest herinnert er ook aan dat een afstand de kosten niet wegneemt — de rechtsplegingsvergoeding en de rolrechten blijven verschuldigd, hier verdeeld onder de twee verzoekers.
De les
Overweegt u na een verworpen schorsing of u uw annulatieberoep voortzet, weeg dan niet alleen uw inhoudelijke kansen af, maar ook de kostprijs van een afstand. Doet u afstand van het geding, dan verleent de Raad daarvan akte zonder uw middelen nog te beoordelen, en wordt u als de in het ongelijk gestelde partij in de kosten verwezen — hier een rolrecht van 400 euro, een bijdrage van 26 euro en een rechtsplegingsvergoeding van 770 euro, bij twee verzoekers elk voor de helft. Een afstand is dus een legitieme exit, maar geen kosteloze. Bent u aanbesteder of begunstigde voorkeursbieder, dan toont dit arrest dat een stevige overwinning in de schorsingsfase de tegenpartij vaak doet afhaken in de annulatiefase, met een kostenveroordeling als gevolg. Tijdig en goed onderbouwd verweer in de UDN-ronde loont dus door tot in de afronding van de zaak.
Te onthouden
- De bestreden beslissing was de aanwijzing door de raad van bestuur van de NMBS van 23 juli 2025 van een voorkeursbieder voor de AM30-treinen, met plaatsing van de overige gegadigden in de wachtkamer.
- De schorsingsvordering tegen diezelfde beslissing was al verworpen bij arrest nr. 264.231 van 19 september 2025, dat ook de tussenkomsten van de SA C. en de NV A. inwilligde.
- Bij brief van 15 januari 2026 deden de verzoekers afstand van het geding; de Raad verleende akte van de afstand.
- De verzoekers werden, elk voor de helft, in de kosten verwezen: rolrecht 400 euro, bijdrage 26 euro en een rechtsplegingsvergoeding van 770 euro voor de NMBS.
Waarop letten
- Het verschil tussen een verworpen schorsing (geen wettigheidsoordeel, maar zwaarwegend) en een inhoudelijk annulatiearrest.
- Dat een afstand van het geding de Raad enkel akte doet verlenen, zonder beoordeling ten gronde.
- Dat de afstanddoende partij de kosten draagt, ook al volgt geen uitspraak over de middelen.
Stel jezelf de vraag
Hebt u, na een verworpen schorsing, realistisch ingeschat of het annulatieberoep nog kans maakt vóór u beslist het al dan niet voort te zetten? Weet u dat een afstand van het geding de Raad ertoe brengt akte te verlenen zonder uw middelen te beoordelen? Houdt u er rekening mee dat een afstand u als de in het ongelijk gestelde partij in de kosten doet verwijzen, inclusief de rechtsplegingsvergoeding? Bij meerdere verzoekers: weet u dat de Raad de kosten onder hen kan verdelen, hier elk voor de helft?
Over deze databank
De Raad van State is het hoogste administratieve rechtscollege in België. Bij geschillen over overheidsopdrachten — van de gunning van een contract tot de uitsluiting van een inschrijver — is het de Raad van State die in laatste instantie oordeelt. De arresten in deze databank zijn door TenderWolf samengevat in begrijpelijke taal, met concrete lessen voor inschrijvers en aanbestedende overheden. Bekijk alle arresten →