Rejet Chambre francophone

UDN-vordering verhuisdiensten sociale woningen Luik niet-ontvankelijk na intrekking gunningsbeslissing — contract al gesloten en deels uitgevoerd maar laedering komt niet voort uit ingetrokken gunning — geen standstill

Arrêt nr. 265452 · 19 janvier 2026 · VIe kamer

De Raad van State verwierp de UDN-vordering van BV Vincent Mil tegen de gunning van een verhuisdienstopdracht in het kader van een renovatieplan voor sociale woningen door BV La Maison Liégeoise aan NV SAMO-B als niet-ontvankelijk, omdat de intrekking van de gunningsbeslissing op 17 december 2025 met terugwerkende kracht opereerde en de beweerde laedering niet meer voortkwam uit de ingetrokken beslissing maar uit de contractsluiting zelf, die niet op een gunningsbeslissing steunde.

Que s'est-il passé ?

BV La Maison Liégeoise (sociale huisvestingsmaatschappij Luik) gunde op 12 november 2025 een overheidsopdracht voor diensten betreffende het verhuizen van bewoonde woningen in het kader van een renovatieplan aan NV SAMO-B. Het marché was niet onderworpen aan de wettelijke standstill-verplichting, waardoor het contract werd gesloten en een begin van uitvoering kende vóór de UDN-vordering. BV Vincent Mil stelde op 15 december 2025 een gecombineerd verzoekschrift in met een UDN-vordering en een annulatieberoep, waarin zij ook een schadevergoeding tot herstel vorderde (separaat verzoekschrift van 29 december 2025). De verwerende partij trok de bestreden gunningsbeslissing in op 17 december 2025 — twee dagen na de UDN-vordering — en kondigde aan een nieuwe beslissing te nemen na de inschrijvers te ondervragen over de door de verzoekende partij geuite beschuldigingen van entente (afspraken tussen inschrijvers). Ter zitting betoogde de verzoekende partij dat het marché ondanks de intrekking was gesloten en deels uitgevoerd, zodat zij wel degelijk was gelaefd en de UDN-vordering ontvankelijk was. De verwerende partij erkende dat het contract was gesloten en deels uitgevoerd, maar stelde dat de intrekking de vordering niet-ontvankelijk maakte. De Raad van State oordeelde dat de intrekking met terugwerkende kracht opereerde tot de datum van de bestreden beslissing, waardoor de beweerde schendingen de verzoekende partij niet hadden gelaefd of riskeerden te laefen. De laedering die de verzoekende partij ter zitting inriep, vloeide niet voort uit de onwettigheden van de ingetrokken gunningsbeslissing maar uit de contractsluiting zelf — die na de intrekking niet meer op een gunningsbeslissing steunde. Aangezien één van de twee ontvankelijkheidsvoorwaarden van artikel 14 wet 2013 niet was vervuld, werd de UDN-vordering niet-ontvankelijk verklaard. De kosten werden voorbehouden.

Pourquoi c'est important ?

Dit arrest maakt een belangrijk onderscheid dat in de praktijk relevant is bij opdrachten zonder standstill-verplichting. Wanneer een gunningsbeslissing wordt ingetrokken nadat het contract al is gesloten en deels uitgevoerd, creëert de intrekking een bijzondere situatie: er bestaat een lopend contract zonder onderliggende gunningsbeslissing. De Raad oordeelt dat de laedering van de verzoekende partij in dat geval niet voortkomt uit de (ingetrokken) gunningsbeslissing — want die opereert met terugwerkende kracht — maar uit de contractsluiting zelf. Die contractsluiting is echter een andere rechtshandeling dan de bestreden beslissing, zodat de ontvankelijkheidsvoorwaarde van artikel 14 wet 2013 (laedering door de bestreden beslissing) niet is vervuld. Het arrest illustreert ook het procedurele risico bij opdrachten zonder standstill: de aanbestedende overheid kan het contract sluiten en beginnen uitvoeren, en vervolgens de gunningsbeslissing intrekken, waardoor de UDN-vordering niet-ontvankelijk wordt terwijl het contract doorloopt.

La leçon

Als inschrijver bij een opdracht zonder standstill-verplichting: wees ervan bewust dat de aanbestedende overheid het contract kan sluiten en beginnen uitvoeren vóór je UDN-vordering, en vervolgens de gunningsbeslissing kan intrekken waardoor je UDN niet-ontvankelijk wordt — terwijl het contract doorloopt. In die situatie moet je de laedering koppelen aan de contractsluiting, niet aan de ingetrokken gunning. Overweeg ook andere rechtsgronden (schadevergoeding tot herstel, nietigverklaring van het contract). Als aanbestedende overheid: een intrekking van de gunningsbeslissing nadat het contract al is gesloten, creëert een contract zonder rechtsgrond — de Raad wijst erop dat het contract niet meer op een gunningsbeslissing steunt. Dat is een riskante situatie.

Posez-vous la question

Als inschrijver: is de opdracht vrijgesteld van standstill? Dien de UDN-vordering zo snel mogelijk in om contractsluiting voor te zijn. Als het contract al is gesloten en de gunning wordt ingetrokken, verleg je strategie naar schadevergoeding en contractnietigheid. Als aanbestedende overheid: trek je een gunningsbeslissing in nadat het contract al is gesloten? Dat contract heeft dan geen rechtsgrond meer.

À propos de cette base de données

Le Conseil d'État (Raad van State) est la plus haute juridiction administrative de Belgique. En matière de marchés publics — de l'attribution d'un contrat à l'exclusion d'un soumissionnaire — le Conseil d'État tranche en dernier ressort. Les arrêts de cette base de données sont résumés par TenderWolf en langage clair, avec des leçons pratiques pour les soumissionnaires et les pouvoirs adjudicateurs. Voir tous les arrêts →