Een afgewezen schorsing is geen einde — wie binnen 30 dagen niet doorzet, betaalt 700 euro aan de tegenpartij
BLUE PLANET PROMOTIONS verliest haar nietigheidsberoep tegen de afwijzing van haar offerte voor politiegadgets, niet inhoudelijk maar omdat ze na het schorsingsarrest geen verzoek tot voortzetting indiende — en moet bovenop 900 euro kosten betalen.
Wat gebeurde er?
Op 27 november 2015 dient BLUE PLANET PROMOTIONS (BPP), gespecialiseerd in promotionele artikelen, een verzoekschrift in bij de Raad van State. Ze vraagt de nietigverklaring van een beslissing van de federale politie waarbij haar offerte voor de meerjarige opdracht 2015 R3 192 — drie jaar lang relatiegeschenken en gadgets met politielogo voor de geïntegreerde politie en politiescholen — onregelmatig werd verklaard voor de loten 1 tot 9, 11, 13 en 14. BPP vraagt ook de annulatie van de gunning aan haar concurrent en de heropening van de financiële evaluatie met haar offerte erin. Op 11 maart 2016 verwerpt de Raad de gekoppelde vordering tot schorsing en voorlopige maatregelen (arrest nr. 234.110). Dat arrest wordt aan de partijen betekend. Vanaf de betekening start de termijn van 30 dagen waarbinnen BPP, op grond van artikel 17, §7 van de gecoördineerde wetten op de Raad van State, een verzoek tot voortzetting van de procedure had moeten indienen om haar nietigheidsberoep niet te verliezen. BPP doet niets. Op 2 mei 2016 stelt eerste auditeur Eric Thibaut een nota op waarin hij vraagt om de procedure van artikel 11/3 van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 toe te passen — de procedure waarmee een vermoede afstand wordt vastgesteld. Op 3 mei 2016 informeert de griffie BPP dat de kamer afstand zal vaststellen tenzij ze binnen vijftien dagen om een mondelinge behandeling vraagt. BPP vraagt niet om gehoord te worden. Op 14 juli 2016 stelt waarnemend voorzitter David De Roy de afstand van geding vast. De Belgische Staat had om een rechtsplegingsvergoeding gevraagd van 700 euro met de standaard verhoging van 20%. De Raad kent de basisvergoeding van 700 euro toe maar weigert de verhoging: artikel 67, §2, derde lid van het procedurereglement bepaalt dat geen verhoging verschuldigd is wanneer de procedure van artikel 11/3 wordt toegepast. BPP wordt veroordeeld tot 700 euro rechtsplegingsvergoeding en 200 euro andere kosten — samen 900 euro. Het inhoudelijke geschil over de onregelmatigheid van haar offerte werd nooit getoetst.
Waarom doet dit ertoe?
Bidders die een schorsing verliezen, denken vaak: 'het zit erop, we trekken de stekker eruit'. Maar zonder formele actie binnen 30 dagen wordt afstand wettelijk vermoed — en die vermoede afstand kost u de rechtsplegingsvergoeding van de tegenpartij. Bij grotere dossiers loopt dat snel op tot duizenden euro's. Erger: u krijgt nooit een inhoudelijke beoordeling, hoe sterk uw middelen ook zijn. De afwijzing van een schorsing zegt niets over de kansen ten gronde — schorsingscriteria (moeilijk te herstellen ernstig nadeel, prima facie ernstige middelen) verschillen wezenlijk van de toetsing in annulatie.
De les
Als uw schorsing wordt afgewezen, agendeert u onmiddellijk de termijn van 30 dagen vanaf de betekening van het arrest. Beslis binnen die termijn of u doorzet — en als u twijfelt, dien dan toch een verzoek tot voortzetting in. Een tactische afstand later kost alleen het rolrecht; een vermoede afstand wegens stilzitten kost u óók de rechtsplegingsvergoeding van de tegenpartij. Wanneer de griffie u meldt dat artikel 11/3 wordt toegepast, is dat het laatste signaal: u heeft nog vijftien dagen om een mondelinge behandeling te vragen, anders is de afstand definitief.
Te onthouden
- Artikel 17, §7 van de RvS-wetten: 30 dagen na betekening van een afwijzend schorsingsarrest moet een verzoek tot voortzetting worden ingediend, anders wordt afstand vermoed
- Een vermoede afstand leidt automatisch tot veroordeling in de kosten — basisvergoeding 700 euro plus rolrecht 200 euro
- De verhoging met 20% (art. 67, §2 procedurereglement) is niet verschuldigd wanneer de procedure van artikel 11/3 wordt toegepast — in andere gevallen wel
- Een schorsingsverwerping zegt niets over uw kansen in annulatie — de toetsingscriteria verschillen wezenlijk
Waarop letten
- Een afwijzend schorsingsarrest in de bus — de 30-dagen-klok loopt vanaf de betekening, niet vanaf de uitspraak
- Een brief van de griffie waarin de procedure van artikel 11/3 wordt aangekondigd — dit is uw laatste kans (vijftien dagen) om een mondelinge behandeling te vragen
- Stille periodes na een schorsingsverwerping bij uw advocaat of intern team — dit is hét moment waarop dossiers verloren gaan zonder inhoudelijke toets
Stel jezelf de vraag
Uw schorsing is verworpen. De betekening van het arrest is twee weken oud. Heeft uw raadsman al een verzoek tot voortzetting ingediend, of staat het op het lijstje voor 'volgende week'? Zo niet: u heeft nog 16 dagen — daarna verliest u én het beroep én betaalt u minstens 700 euro.
Gerelateerde arresten
Over deze databank
De Raad van State is het hoogste administratieve rechtscollege in België. Bij geschillen over overheidsopdrachten — van de gunning van een contract tot de uitsluiting van een inschrijver — is het de Raad van State die in laatste instantie oordeelt. De arresten in deze databank zijn door TenderWolf samengevat in begrijpelijke taal, met concrete lessen voor inschrijvers en aanbestedende overheden. Bekijk alle arresten →