Andere Nederlandstalig college

Vijf maanden na de zitting alsnog afstand doen van uw annulatieberoep: 900 euro voor de aanbesteder

Arrest nr. 241308 · 26 april 2018 · XIIe kamer

Dileoz daagt op 15 september 2017 de Stad Vilvoorde voor de Raad van State over een rekruteringssoftwareopdracht van 36.980 euro die naar A&S Solutions ging; nadat alle memories zijn gewisseld en het auditoraatsverslag is opgesteld, doet Dileoz op 6 februari 2018 afstand — en moet 900 euro proceskosten aan de Stad betalen.

Wat gebeurde er?

De Stad Vilvoorde schreef een opdracht uit voor de levering van een softwareplatform ter ondersteuning van rekrutering en selectie: parametrisatie, opleiding en vier jaar huur. Op 19 december 2016 besliste het college van burgemeester en schepenen om de opdracht te gunnen aan A & S Solutions BVBA voor 36.980 euro exclusief BTW (44.745,80 euro inclusief BTW) — de 'economisch meest voordelige bieder' rekening houdend met de gunningscriteria. In dezelfde beslissing werd uitdrukkelijk besloten om NIET aan Dileoz te gunnen. Dileoz wachtte met zijn reactie. Pas op 15 september 2017 — dus negen maanden na de gunningsbeslissing — werd een beroep tot nietigverklaring ingesteld bij de Raad van State. Dat is een merkwaardige timing voor een gunningsdossier (de termijn om in UDN te gaan is normaal 15 dagen na notificatie, voor annulatie 60 dagen). Het arrest licht niet toe waarom Dileoz pas dan reageerde — mogelijk werd de gunningsbeslissing pas later aan Dileoz genotifieerd, of werd er gewacht op een specifiek aanknopingspunt. Hoe dan ook: de procedure liep verder. De Stad Vilvoorde diende een memorie van antwoord in. Eerste auditeur Jos Stevens stelde een verslag op. De zitting werd vastgelegd op 17 april 2018 om 11.00 uur, voor de XIIe kamer met staatsraad Pierre Barra. Maar dan, op 6 februari 2018 — twee maanden VÓÓR de zitting — schrijft Dileoz aan de Raad van State dat zij afstand doet van het geding. Wat de aanleiding was, blijkt niet uit het arrest: misschien had Dileoz inhoudelijk geen sterke zaak meer (gelet op het verslag van het auditoraat), misschien was er een commerciële regeling getroffen, misschien gewoon een herkadering van prioriteiten. De zitting van 17 april 2018 ging dan toch door, voor de procedurele afhandeling. Auditeur Thomas Maes gaf een eensluidend advies. De Raad stelt de afstand van het geding vast en — in randnummer 4 — oordeelt dat 'in de gegeven omstandigheden het past' de proceskosten ten laste van Dileoz te leggen. De Stad had de basisrechtsplegingsvergoeding gevraagd. Eindbeslissing: • Afstand van het geding vastgesteld. • Dileoz veroordeeld in 200 euro rolrecht + 700 euro rechtsplegingsvergoeding = 900 euro voor de Stad Vilvoorde. Merk op dat hier — anders dan in de intrekkingsarresten van diezelfde maand (241267, 241306) — de verzoeker zelf opdraait voor de kosten. Dat is logisch: de verzoeker beëindigt vrijwillig zijn eigen procedure zonder dat de aanbestedende dienst iets toegeeft. De Stad Vilvoorde heeft niets ingetrokken; haar gunningsbeslissing blijft overeind.

Waarom doet dit ertoe?

Dit korte arrest is een nuttige tegenhanger van de intrekkingsarresten zoals 241267 en 241306. Daarin zagen we hoe een aanbestedende dienst die zelf zijn beslissing intrekt, de proceskosten draagt — ook al wordt de zaak formeel zonder voorwerp verklaard. Hier is het omgekeerd: de verzoeker doet afstand van zijn eigen beroep, en betaalt zelf de kosten van de aanbesteder. De symmetrie is duidelijk: wie de procedure beëindigt zonder inhoudelijke uitspraak, wordt als 'verliezende partij' behandeld voor de kosten. Voor inschrijvers die overwegen een beroep in te stellen, zijn er twee lessen. Eerst: stel uzelf vooraf de vraag of u door de hele procedure wilt en kunt gaan. Een beroep dat u na enkele maanden laat vallen, kost u standaard 900 euro plus uw eigen advocaatkosten. Tweede: timing matters. In dit dossier wachtte Dileoz negen maanden na de gunningsbeslissing voor het beroep. Dat is uitzonderlijk laat en wijst op een mogelijk procedurele zwakte (termijn-issue). Wie wacht, riskeert dat zijn middelen al een belangrijk deel van hun kracht verliezen vóór de zaak überhaupt voor de rechter komt. Voor aanbestedende diensten is de boodschap geruststellend: wanneer de verzoeker afstand doet, blijft uw gunningsbeslissing overeind én ontvangt u de basisrechtsplegingsvergoeding. Wel: zorg dat uw advocaat in de memorie van antwoord uitdrukkelijk de basisrechtsplegingsvergoeding vraagt. De Raad merkt expliciet op 'de door de verwerende partij gevraagde rechtsplegingsvergoeding van 700 euro' — als u die niet vraagt, kent de Raad ze ook hier niet ambtshalve toe. Voor het strategisch overwegen van een afstand: timing is alles. Doet u afstand vóór de memorie van antwoord van de aanbesteder, dan zou de aanbesteder wellicht nog geen rechtsplegingsvergoeding kunnen vragen omdat hij geen substantiële kosten heeft gemaakt. Doet u het na het auditoraatsverslag (zoals Dileoz hier), dan zit u vast aan minimaal de 700 euro vergoeding plus uw eigen rolrecht.

De les

Als verzoeker die overweegt afstand te doen van een annulatieberoep: weet dat dit u standaard 900 euro kost (200 euro rolrecht + 700 euro rechtsplegingsvergoeding aan de aanbesteder). Wilt u afstand doen, doe dat dan zo vroeg mogelijk in de procedure — bij voorkeur vóór de aanbesteder zijn memorie indient — om uw kostenpositie zo gunstig mogelijk te houden. Stel u vooraf, vóór u het beroep instelt, eerlijk de vraag of u inhoudelijk en commercieel door de hele procedure wilt en kunt gaan. Voor aanbesteders: laat uw advocaat in de memorie van antwoord uitdrukkelijk de basisrechtsplegingsvergoeding vragen — anders kent de Raad ze niet ambtshalve toe.

Te onthouden

  • Afstand doen van een annulatieberoep kost de verzoeker standaard 900 euro: 200 euro rolrecht + 700 euro rechtsplegingsvergoeding aan de aanbesteder.
  • De Raad past hier dezelfde 'wie de procedure beëindigt is verliezer'-logica toe als bij intrekkingen door de aanbesteder — alleen omgekeerd: nu betaalt de verzoeker.
  • De rechtsplegingsvergoeding moet uitdrukkelijk worden gevraagd door de aanbesteder in zijn memorie van antwoord — de Raad kent ze niet ambtshalve toe.
  • Een laattijdig beroep (hier 9 maanden na de gunningsbeslissing) is een sterke aanwijzing van procedurele zwakte; de strikte termijnen blijven 15 dagen voor UDN en 60 dagen voor annulatie.

Waarop letten

  • Een verzoeker die maanden wacht met zijn beroep — vraag uzelf af of de termijn werkelijk is gerespecteerd of dat er een bijzondere bekendmakings- of notificatie-issue is.
  • Een afstand kort vóór de zitting — vrijwel altijd een teken dat het auditoraatsverslag voor de verzoeker negatief is uitgevallen.
  • Een memorie van antwoord die de rechtsplegingsvergoeding niet uitdrukkelijk vraagt — u laat dan 700 euro liggen die de Raad u bij latere afstand niet uit eigen beweging toekent.

Stel jezelf de vraag

U overweegt afstand te doen van een annulatieberoep tegen een gunningsbeslissing. Stel uzelf drie vragen: (1) heeft de aanbesteder al een memorie van antwoord ingediend en heeft het auditoraat al een verslag opgesteld? Zo ja, dan staat u sowieso voor 900 euro standaardkosten. (2) is er een commerciële of strategische opening (vervolgopdracht, andere overheidsopdracht bij dezelfde aanbesteder) die deze 900 euro waard is? (3) waarom doet u eigenlijk afstand — heeft u tegen het auditoraatsadvies in geen sterke zaak meer? Erken dat dan ook intern, en gebruik het inzicht voor toekomstige aanvechtingen.

Gerelateerde arresten

Over deze databank

De Raad van State is het hoogste administratieve rechtscollege in België. Bij geschillen over overheidsopdrachten — van de gunning van een contract tot de uitsluiting van een inschrijver — is het de Raad van State die in laatste instantie oordeelt. De arresten in deze databank zijn door TenderWolf samengevat in begrijpelijke taal, met concrete lessen voor inschrijvers en aanbestedende overheden. Bekijk alle arresten →