Andere Franstalig college

Schadevergoeding na annulatie: het principe wordt aanvaard, het bedrag niet — heropening van de debatten

Arrest nr. 245033 · 1 juli 2019 · VIe kamer

De Raad van State verwerpt zes ontvankelijkheidsexcepties tegen de schadevergoedingsvordering van drie 'réservistes'-deurwaarders na de annulatie van de gunningsbeslissingen voor lots 1-4 van het Waalse deurwaardersmarkt — maar kan het schadebedrag niet vaststellen op basis van de niet-tegensprekelijke cijfers van het Waals Gewest en heropent de debatten.

Wat gebeurde er?

Het Waals Gewest had in 2014 een raamovereenkomst gegund voor de aanwijzing van gerechtsdeurwaarders voor de minnelijke en gerechtelijke invordering van zijn schuldvorderingen, opgesplitst in zeven loten. Voor lots 1, 2, 3 en 4 werd op 5 mei 2015 de gunning toegewezen aan drie tijdelijke verenigingen (INTERVENTUS-MASSILLON-VIDICK, BORDET-HUY 2 RIVES-RAXHON en RESALEX & PARTNERS), en de tijdelijke vereniging TINTIN-DUBOIS-SINATRA werd voor diezelfde vier loten aangewezen als 'réservistes' — vervangers die alleen aan de bak komen als de aangewezen attributaires afhaken. Bij arrest 231.714 van 23 juni 2015 schorste de Raad van State die gunningsbeslissingen, en bij arrest 235.319 van 1 juli 2016 vernietigde de Raad ze definitief — onder meer wegens een fout op 2 maart 2015: tijdens de loop van de procedure had het Gewest een vergadering belegd met IT-medewerkers van een aantal andere deurwaarderskantoren (concurrenten van TINTIN-DUBOIS-SINATRA) over praktische aspecten van het toekomstige IT-platform, een vergadering die het gelijkheidsbeginsel en de transparantieplicht schond. Op 12 september 2016 dienen TINTIN, DUBOIS en SINATRA een vordering tot schadevergoeding (indemnité réparatrice, art. 11bis RvS-wet) in. Hun stelling: zonder de illegaliteit van 2 maart 2015 — gecombineerd met een tweede onregelmatigheid die de Raad in een ander schorsingsarrest (231.846 van 2 juli 2015) had opgemerkt, namelijk een substantiële onregelmatigheid in de offerte van INTERVENTUS-MASSILLON-VIDICK voor lot 2 — zou hun offerte één plaats opgeschoven zijn en zouden ze als attributaires zijn aangeduid in plaats van als réservistes. Berekening: 2.398.400 euro voor het eerste jaar, 5.731.600 euro voor het tweede jaar (rekening houdend met nieuwe verkeersbelastingdossiers), totaal 8,13 miljoen euro. Subsidiair: verlies van een kans, waarvan ze het bedrag op 90% van het hoofdgevolg willen ramen. Het Waals Gewest werpt zes ontvankelijkheidsexcepties op: (1) ratione temporis: het schorsingsarrest van 23 juni 2015 had de illegaliteit al vastgesteld, dus liep de termijn van 60 dagen al af lang voor de aanvraag; (2) geen belang bij de vaststelling van de illegaliteit van de 2-maart-vergadering; (3) ratione personae: de réservistes zijn geen 'belanghebbende derden' voor de aangevochten gunningsbeslissingen; (4) lot 1 valt buiten de aanvechtbare illegaliteit; (5) ratione temporis tegen de aanvraag voor de andere loten; (6) obscuri libelli — de berekening is onduidelijk. De Raad veegt alle zes excepties van tafel: arrest 235.319 — een vernietigingsarrest — is hét referentie-arrest voor de termijnberekening, niet het eerdere schorsingsarrest; het verlies van een kans verbonden aan de 2-maart-vergadering is wel degelijk al in het verzoekschrift ingeroepen (pagina 15); de réservistes waren partij bij arrest 235.319 dat de illegaliteit voor alle vier de loten vaststelde; en de berekening (pagina's 7 tot 15 van het verzoekschrift, met stavingsstukken) is voldoende uitgewerkt voor een tegensprekelijk debat. Op het ten gronde — de evaluatie van de winst die de réservistes hadden kunnen halen — komt de Raad niet rond. Het Waals Gewest had cijfers aangeleverd over de winst die de andere deurwaarders effectief op de raamovereenkomst hadden gemaakt, maar zonder onderliggende stukken en met retroactieve 'herwaarderingen' om verworpen kosten weg te wegen. De réservistes betwistten die cijfers ter zitting van 20 maart 2019 fundamenteel, ook omdat geen enkel stuk werd voorgelegd. De Raad: zonder onderliggende stukken die aan tegenspraak werden onderworpen, is een evaluatie onmogelijk. Heropening van de debatten, een aanvullend verslag van het auditoraat wordt gevraagd. De vertrouwelijkheid van de offertes en de statistieken blijft voorlopig behouden. Kosten gereserveerd.

Waarom doet dit ertoe?

Voor wie ooit gewonnen is bij de Raad van State maar zonder herstelmogelijkheid — bijvoorbeeld omdat de opdracht intussen werd uitgevoerd of omdat alleen een vernietiging volgde — is dit arrest leerrijk. Het toont hoe een vordering tot schadevergoeding (artikel 11bis) verloopt in de praktijk: ontvankelijkheidsexcepties zijn doorgaans procedurele mistgordijnen die bij een goed gemotiveerd verzoekschrift sneuvelen. Het echte slagveld is de quantum: hoeveel bedraagt het verlies, en welk bewijs heb je daarvoor? Hier sneuvelen veel zaken: de overheid kan moeilijk worden veroordeeld op basis van eigen niet-gestaafde cijfers, maar de eiser moet ook plausibel kunnen extrapoleren — vandaar de waarde van een gedocumenteerd staal van eerdere zaken. Voor opdrachten met dossierwerk (deurwaarders, advocaten, incassobureaus, IT-onderhoud, projectmanagement) is dit arrest een methodologie: bewaar je interne cijfers, gemiddelde marges per dossier en het aantal verwachte volume zo dat je ze later in een schadeberekening kan plaatsen.

De les

Heb je een gunningsbeslissing aangevochten en gewonnen — schorsing, vernietiging, of beide — overweeg dan systematisch een schadevergoedingsvordering op grond van artikel 11bis. De termijn van 60 dagen vertrekt vanaf de notificatie van het vernietigingsarrest, niet vanaf het schorsingsarrest. Bouw je dossier op met (1) een gedetailleerd staal van soortgelijke dossiers met marges en kosten, (2) een verdedigbare extrapolatie naar het volume van de aangevochten opdracht, (3) een fall-back op verlies-van-een-kans met een verantwoorde percentage-inschatting. Verwacht dat de aanbestedende overheid haar eigen cijfers tegenwerpt — eis dat die cijfers tegensprekelijk worden behandeld, dat wil zeggen op stuk gestaafd en betwistbaar.

Te onthouden

  • Vordering tot indemnité réparatrice (art. 11bis RvS-wet): 60 dagen vanaf notificatie van het vernietigingsarrest
  • Réservistes/vervangers hebben procesbelang: ze waren partij bij het arrest dat de illegaliteit vaststelde
  • Een schorsingsarrest is GEEN vertrekpunt van de termijn als er nog een vernietigingsarrest volgt
  • Subsidiaire stelling 'verlies van een kans' is naast 'volledige winst' altijd verstandig
  • Kwantum vergt onderliggende stukken die tegensprekelijk worden behandeld — niet enkel saldo-overzichten

Waarop letten

  • Vergaderingen of contacten van de aanbestedende overheid met (sommige) inschrijvers tijdens de procedure — klassieke schending van gelijkheidsbeginsel
  • Cijfers van de aanbestedende overheid die in een schadezaak retroactief worden 'herwaardeerd' — vraag de onderliggende stukken op
  • De rangorde-redenering: kan jouw klimmen één of twee plaatsen je tot attributaire promoveren?
  • De timing tussen schorsingsarrest, vernietigingsarrest en schadeclaim — ratione temporis is altijd het eerste verweer
  • Aansluitende illegaliteiten in andere arresten over hetzelfde marktdossier — die kunnen mee de causale keten dragen

Stel jezelf de vraag

Heb je je vernietigingsarrest in de hand? Check de notificatiedatum (kennisgeving door de griffie). Vanaf de dag erna heb je 60 kalenderdagen om je vordering tot schadevergoeding in te dienen. Heb je een staal van vergelijkbare dossiers, marges, kostenstructuur? Heb je een subsidiaire 'verlies van een kans'-redenering met een gemotiveerd percentage?

Gerelateerde arresten

Over deze databank

De Raad van State is het hoogste administratieve rechtscollege in België. Bij geschillen over overheidsopdrachten — van de gunning van een contract tot de uitsluiting van een inschrijver — is het de Raad van State die in laatste instantie oordeelt. De arresten in deze databank zijn door TenderWolf samengevat in begrijpelijke taal, met concrete lessen voor inschrijvers en aanbestedende overheden. Bekijk alle arresten →