Andere Nederlandstalig college

Afstand doen van je beroep is niet gratis — ook als er geen 'verliezer' lijkt te zijn

Arrest nr. 263549 · 10 juni 2025 · XIVe kamer

Een aannemer die afstand doet van zijn UDN-vordering tegen de gemeente Grimbergen vraagt zijn proceskosten terug omdat er 'geen verliezer' is, maar de Raad van State oordeelt dat wie afstand doet per definitie de in het ongelijk gestelde partij is — en dus betaalt.

Wat gebeurde er?

De gemeente Grimbergen gunde op 28 april 2025 een driejarige raamovereenkomst voor onthardings- en vergroeningsprojecten aan een derde partij. De niet-geselecteerde BV D. trok op 20 mei 2025 naar de Raad van State met een vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid. Maar amper een week later, op 27 mei 2025, stuurde dezelfde BV D. een brief naar de Raad: zij deed afstand van het geding. Tot zover standaardprocedure. Het ongewone zat in de bijkomende vraag: BV D. vond dat er bij een afstand van geding geen 'in het ongelijk gestelde partij' bestaat, omdat er geen inhoudelijk vonnis wordt geveld, en vroeg daarom haar voorgeschoten kosten — 200 euro rolrecht en 26 euro bijdrage — terug. De Raad van State veegde dat argument van tafel. De kosten worden bepaald door de aard van de ingediende procedureakte, niet door het eindoordeel. Een UDN-vordering is onderworpen aan rolrecht en bijdrage, punt. En wie moet dan betalen? Artikel 68, vijfde lid, zegt: de partij die 'ten gronde in het ongelijk gesteld wordt.' De Raad interpreteert dat als: de partij die er de oorzaak van is dat het proces zijn zin heeft verloren. Door afstand te doen heb je zélf bewerkstelligd dat de vordering voortijdig eindigt — dus ben je de 'verliezer'. Opvallend: BV D. was niet eens aanwezig op de zitting van 4 juni 2025.

Waarom doet dit ertoe?

Dit arrest maakt glashelder dat afstand doen van een UDN-procedure geen neutrale handeling is. Je betaalt de proceskosten, zonder uitzondering. Dat is relevant voor elke bid manager die overweegt een spoedprocedure in te trekken nadat de situatie verandert — bijvoorbeeld omdat de opdracht inmiddels wordt uitgevoerd of omdat een minnelijke oplossing zich aandient.

De les

Als je overweegt een UDN-vordering in te trekken: reken er niet op dat je je proceskosten terugkrijgt. Wie afstand doet, is voor de Raad van State per definitie de 'verliezer' en draagt het rolrecht, de bijdrage en eventueel de rechtsplegingsvergoeding van de tegenpartij. Maak die afweging vóór je het beroep instelt, niet erna.

Te onthouden

  • Afstand van geding = proceskosten voor de verzoeker, altijd
  • De Raad beschouwt wie afstand doet als 'ten gronde in het ongelijk gesteld'
  • Het argument 'er is geen eindvonnis, dus geen verliezer' houdt geen stand
  • De kosten vloeien voort uit de aard van de procedureakte, niet uit het eindoordeel

Waarop letten

  • Je overweegt een UDN-vordering maar de slaagkansen zijn onzeker — besef dat afstand doen je niet ontslaat van de kosten
  • De tegenpartij kan ook een rechtsplegingsvergoeding vorderen bij afstand, waardoor de totale factuur oploopt

Stel jezelf de vraag

Als je na het instellen van een UDN-vordering overweegt om afstand te doen: heb je ingecalculeerd dat je het rolrecht (200 of 600 euro), de bijdrage én mogelijk een rechtsplegingsvergoeding (tot 770 euro) aan de tegenpartij verschuldigd bent?

Over deze databank

De Raad van State is het hoogste administratieve rechtscollege in België. Bij geschillen over overheidsopdrachten — van de gunning van een contract tot de uitsluiting van een inschrijver — is het de Raad van State die in laatste instantie oordeelt. De arresten in deze databank zijn door TenderWolf samengevat in begrijpelijke taal, met concrete lessen voor inschrijvers en aanbestedende overheden. Bekijk alle arresten →