Verwerping Nederlandstalig college

Een kwalitatieve beoordeling waarbij dezelfde elementen uit een offerte bij meerdere gunningscriteria als min- of pluspunt worden meegenomen is niet onwettig, zolang de beoordeling telkens vanuit een ander kader en een andere invalshoek gebeurt

Arrest nr. 264019 · 21 augustus 2025 · XIIe kamer

De Raad van State verwerpt de vordering tot schorsing van de gunning van een raamovereenkomst voor visuele en verbale branding van de Stad Brugge, omdat de verzoeker niet aannemelijk maakt dat het ontbreken van een vooraf bekendgemaakte beoordelingsmethodiek onwettig is wanneer de evaluatie op een voor de hand liggende manier besloten lag in de omschrijving van de gunningscriteria, en omdat het meenemen van dezelfde offerteaspecten bij meerdere gunningscriteria geen verboden dubbele beoordeling uitmaakt wanneer de beoordeling telkens vanuit een andere invalshoek gebeurt.

Wat gebeurde er?

De Stad Brugge schreef een opdracht voor diensten uit — een raamovereenkomst voor visuele en verbale branding — via een mededingingsprocedure met onderhandeling. Na selectie bleven vier inschrijvers over. Het bestek voorzag in vier gunningscriteria: visie op de algemene brandingsopdracht (25 punten), kwaliteit van de algemene brandingsopdracht (35 punten, met subcriteria voor logo, visuele identiteit en verbale identiteit), kwaliteit van de projectaanpak (20 punten, gericht op de case Cultuurcentrum Brugge) en budget (20 punten). De beoordeling vond plaats op basis van zowel het schriftelijke dossier als een mondelinge presentatie voor een beoordelingscommissie. De gekozen inschrijver — de NV O. — behaalde 97,67 punten, de verzoeker — de BV S. — 80,5 punten. De verwerende partij besloot niet verder te onderhandelen, gezien het duidelijke kwaliteitsverschil en de marktconforme prijzen. Een eerste gunningsbeslissing van 23 juni 2025 werd ingetrokken wegens een onvolledig opgeladen gunningsverslag. Een nieuw gunningsverslag werd opgesteld op 1 juli 2025, met dezelfde conclusie. De nieuwe gunningsbeslissing dateerde van 10 juli 2025. De verzoeker voerde twee middelen aan. In het eerste middel betoogde zij dat er geen beoordelingsmethodiek was vastgesteld vóór de opening van de offertes, in strijd met het transparantiebeginsel en de rechtspraak van het Hof van Justitie (TNS Dimarso). Zij wees erop dat het bestek voor het zwaarste gunningscriterium (kwaliteit, 35 punten) geen toelichting bevatte over de quoteringsmethode, dat nergens bleek dat de beoordelingsmethodiek vooraf was vastgesteld, en dat pas uit het gunningsverslag bleek dat de best scorende offerte automatisch de maximale score kreeg. De Raad verwierp dit middel. De beoordeling was gebeurd aan de hand van een uitvoerige beschrijvende evaluatie per (sub)gunningscriterium, op basis van de beoordelingselementen uit het bestek, gevolgd door een globale score. De wijze van evaluatie was niet onverenigbaar met het bestek en leek op een voor de hand liggende manier te zijn gebeurd. De verzoeker maakte niet aannemelijk dat de beoordelingsmethode niet reeds besloten lag in de omschrijving van de gunningscriteria. Dat de best scorende offerte de maximale score kreeg was niet onvoorzienbaar: het bestek bepaalde dat het meest relevante voorstel de hoogste score krijgt, en voor de gekozen inschrijver werden geen minpunten vermeld. In het tweede middel betoogde de verzoeker dat zij het slachtoffer was van een dubbele beoordeling: dezelfde elementen uit haar offerte — haar aanpak van het merkstrategisch kader en haar beperkte invulling van co-creatie — werden als minpunt aangerekend bij meerdere gunningscriteria. Zij betoogde ook dat de verwerende partij haar offerte feitelijk onjuist had beoordeeld op het punt van merkarchitectuur. De Raad verwierp ook dit middel. Geen bepaling of beginsel verbiedt dat bepaalde elementen uit de offerte bij meerdere (sub)gunningscriteria worden betrokken, zolang de beoordeling inpasbaar is in de omschrijving van die criteria in het bestek. De verzoeker maakte niet aannemelijk dat dit hier niet het geval was. De aanpak van het merkstrategisch kader werd beoordeeld als onderdeel van de 'visie' (criterium 1) en als onderdeel van de concrete uitwerking van de 'verbale identiteit' (criterium 2) — telkens vanuit een ander kader. De beperkte co-creatie werd beoordeeld als onderdeel van de 'visie' (criterium 1, dat expliciet peilt naar co-creatie in elke fase) en als onderdeel van de 'projectaanpak' (criterium 3, specifiek gericht op de case Cultuurcentrum). Nu de beoordeling telkens vanuit een andere invalshoek gebeurde, was er op het eerste gezicht geen sprake van een dubbel minpunt voor hetzelfde. Wat de feitelijk onjuiste beoordeling betreft, stelde de Raad vast dat zelfs bij toekenning van de maximale score voor het betrokken criterium het verschil in totaalscore niet kon worden overbrugd, zodat de verzoeker geen belang had bij die grief. (Samenstelling: Inge Vos, waarnemend voorzitter; Bryan Geerts, toegevoegd griffier. Eensluidend advies van auditeur-generaal Luc Vermeire.)

Waarom doet dit ertoe?

Dit arrest verduidelijkt twee belangrijke principes voor de beoordeling van kwalitatieve gunningscriteria. Ten eerste: een beoordelingsmethodiek hoeft niet apart te worden bekendgemaakt wanneer zij op een voor de hand liggende manier besloten ligt in de omschrijving van de gunningscriteria. Het volstaat dat de evaluatie concreet en beschrijvend is, per criterium voor- en nadelen vergelijkt, en aansluit bij de beoordelingselementen uit het bestek. Ten tweede: het is niet verboden om eenzelfde offerteaspect bij meerdere gunningscriteria als min- of pluspunt mee te nemen, zolang de beoordeling telkens vanuit een ander kader en een andere invalshoek gebeurt en inpasbaar is in de omschrijving van het criterium in het bestek. Een verzoeker die 'dubbele beoordeling' aanvoert, moet aantonen dat het werkelijk om dezelfde beoordeling gaat en niet om een evaluatie vanuit verschillende perspectieven.

De les

Als inschrijver die de beoordeling wil aanvechten: het volstaat niet om eruit gelichte fragmenten uit de motivering selectief te bekritiseren. De motivering moet als geheel worden gelezen. Dat eenzelfde aspect van je offerte bij meerdere gunningscriteria terugkomt, is niet automatisch een verboden dubbele beoordeling — het kan gaan om een beoordeling vanuit een ander perspectief. En als het verschil in totaalscore zo groot is dat zelfs de maximale score op het bekritiseerde criterium het niet overbrugt, heb je geen belang bij die grief. Als aanbestedende overheid: een uitvoerige beschrijvende evaluatie die per criterium de sterke en zwakke punten van elke offerte vergelijkt en aansluit bij de beoordelingselementen uit het bestek, kan volstaan als beoordelingsmethodiek.

Stel jezelf de vraag

Als ik een kwalitatieve beoordeling aanvecht wegens 'dubbele beoordeling': heb ik nagegaan of het werkelijk om dezelfde beoordeling gaat, of om een evaluatie vanuit verschillende invalshoeken die elk passen bij het respectieve criterium — en heb ik berekend of zelfs de maximale score op het bekritiseerde criterium het verschil in totaalscore zou overbruggen?

Over deze databank

De Raad van State is het hoogste administratieve rechtscollege in België. Bij geschillen over overheidsopdrachten — van de gunning van een contract tot de uitsluiting van een inschrijver — is het de Raad van State die in laatste instantie oordeelt. De arresten in deze databank zijn door TenderWolf samengevat in begrijpelijke taal, met concrete lessen voor inschrijvers en aanbestedende overheden. Bekijk alle arresten →