zonder_voorwerp Nederlandstalig college

Minnelijke regeling na schorsing: de aanbesteder draait toch op voor de kosten — ook als de verzoeker afziet van rechtsplegingsvergoeding

Arrest nr. 266600 · 6 mei 2026 · XIVe kamer

Na een schorsing bij UDN sloten verzoeker en Stad Kortrijk een minnelijke regeling over de gunning van de riool-inspectieopdracht; de verzoeker deed afstand zonder rechtsplegingsvergoeding te vorderen, maar de Raad legde de kosten van het beroep tot nietigverklaring tóch op aan de Stad — een nuance op het kostenprincipe bij intrekking.

Wat gebeurde er?

Stad Kortrijk had op 30 september 2025 de opdracht 'reinigen en inspecteren van riolen 2025' gegund aan een derde inschrijver. De geweerde inschrijver — BV W. — trok in extreme urgentie naar de Raad van State, die op 17 november 2025 bij arrest nr. 264.870 de uitvoering van de gunningsbeslissing schorste. Daarmee was de aanbesteding ernstig vertraagd en de Stad in een ongunstige positie. Op 27 februari 2026 stelde de XIVe kamer met toepassing van artikel 26, §2 Regentsbesluit aan beide partijen voor om de zaak zonder openbare terechtzitting af te handelen, tenzij iemand erom verzocht. Geen van beide partijen wenste een zitting. Vooraleer de Raad ten gronde uitspraak deed, deelde BV W. echter per brief van 16 februari 2026 mee dat partijen een minnelijke regeling hadden bereikt en dat zij afstand deed van haar verzoek tot nietigverklaring. Belangrijk detail: ze bevestigde uitdrukkelijk dat 'naar aanleiding van deze afstand, geen aanspraak wordt gemaakt op het bekomen van een rechtsplegingsvergoeding, waarbij ook de proceskosten werden geregeld' — de minnelijke regeling dekte dus die kosten. Toch nam de Raad geen 'jullie hebben het zelf geregeld'-houding aan. Met de woorden 'gezien de omstandigheden van de zaak is het gepast' verwees de Raad de Stad in de kosten van het geding (rolrecht). Voor de kosten van de schorsings-UDN was dit al beslecht in arrest nr. 264.870, vermoedelijk eveneens in het nadeel van de Stad. Het beroep tot nietigverklaring zelf is zonder voorwerp wegens afstand.

Waarom doet dit ertoe?

Voor bid managers: een minnelijke regeling met de aanbesteder na een succesvolle schorsing betekent meestal dat je iets concrete kreeg (nieuwe procedure, contract alsnog, schadevergoeding). Maar zorg dat de regeling ook expliciet de procedurele kosten dekt, want anders kunnen die toch nog door de Raad worden veroordeeld — zoals hier voor Kortrijk. Voor aanbestedende overheden: een minnelijke regeling na een succesvolle UDN van de verzoeker is een verstandige uitweg uit een verloren positie, maar onderschat niet wat het kost: zelfs als de verzoeker uitdrukkelijk afziet van rechtsplegingsvergoeding, kan de Raad de Stad nog tot rolrecht veroordelen.

De les

Als je als aanbestedende overheid een minnelijke regeling onderhandelt na een schorsing tegen jezelf: zorg dat de schikking expliciet de proceskosten (rolrecht inbegrepen) regelt, niet alleen de rechtsplegingsvergoeding. Anders krijg je nog een kostenveroordeling van de Raad bovenop wat je al hebt toegezegd. Als bid manager: noteer in de regeling dat alle proceskosten geregeld zijn — anders sta je open voor een terugvordering die je niet verwachtte.

Te onthouden

  • Een minnelijke regeling na succesvolle UDN-schorsing leidt tot een afstand van het beroep tot nietigverklaring (zonder voorwerp)
  • Zelfs als de verzoeker uitdrukkelijk afziet van rechtsplegingsvergoeding, kan de Raad de aanbesteder tóch tot rolrecht veroordelen 'gezien de omstandigheden'
  • Artikel 26, §2 Regentsbesluit maakt het mogelijk om een annulatieberoep zonder terechtzitting af te handelen als geen partij om een zitting vraagt
  • Een schikkingsclausule moet expliciet 'alle proceskosten' (rolrecht inbegrepen) dekken om latere kostenverhalen te vermijden
  • Het kostenprincipe bij afstand na succesvolle schorsing leunt naar de aanbesteder als verliezende partij — ook bij minnelijke regeling

Waarop letten

  • Een minnelijke schikking die enkel rechtsplegingsvergoeding regelt en niet expliciet 'alle proceskosten' — gat in de afdekking
  • Een aanbesteder die na een succesvolle schorsing snel een nieuwe procedure aanbiedt — let dan op het gehele kostenplaatje
  • Een verzoeker die wel afstand doet maar de kostenregeling onduidelijk laat — kan tóch nog een claim binnenrollen
  • Het verschil tussen 'kosten van de schorsings-UDN' en 'kosten van het beroep tot nietigverklaring' — twee aparte poster die elk afzonderlijk kunnen worden veroordeeld

Stel jezelf de vraag

Heeft jouw onderneming in de laatste twee jaar een minnelijke regeling gesloten na een succesvolle UDN? Kijk in de afsprakentekst: wordt het rolrecht expliciet vermeld, of alleen de rechtsplegingsvergoeding? Als alleen het tweede, kan de tegenpartij theoretisch nog op de Raad terugkomen voor het rolrecht — bekijk of dat al is gebeurd of in een latere uitspraak nog kan worden uitgesproken.

Gerelateerde arresten

Over deze databank

De Raad van State is het hoogste administratieve rechtscollege in België. Bij geschillen over overheidsopdrachten — van de gunning van een contract tot de uitsluiting van een inschrijver — is het de Raad van State die in laatste instantie oordeelt. De arresten in deze databank zijn door TenderWolf samengevat in begrijpelijke taal, met concrete lessen voor inschrijvers en aanbestedende overheden. Bekijk alle arresten →