zonder_voorwerp Nederlandstalig college

Niet-selectie aanvechten loont: Lebbeke trekt gunning in en betaalt 924 euro kosten, ook al krijgt Verhoeve Marc geen opdracht

Arrest nr. 256414 · 3 mei 2023 · XIIe kamer

Een week voor de zitting van Raad van State trekt de Gemeente Lebbeke haar gunning voor de heraanleg van de trage weg Waaitjesstraat in; de Raad verwerpt de UDN-vordering van BV Verhoeve Marc formeel wegens verlies van voorwerp maar veroordeelt de gemeente tot 924 euro kosten, inclusief de gevorderde rechtsplegingsvergoeding van 700 euro.

Wat gebeurde er?

Op 20 maart 2023 gunt het college van burgemeester en schepenen van Lebbeke de werken 'Heraanleg trage weg Waaitjesstraat en aansluitende buurtwegen' (bestek 2022089) aan NV Green Road en beslist om BV Verhoeve Marc — een aannemer uit Kalken — niet te selecteren. Verhoeve stelt op 10 april 2023 een UDN-beroep in waarin twee componenten worden aangevallen: de niet-selectie van zijn eigen offerte én de gunning aan Green Road. Voorzitter Paul Lemmens roept de partijen op voor een virtuele Teams-zitting op dinsdag 2 mei 2023. Op maandag 24 april 2023 — acht dagen voor de zitting — beslist het schepencollege van Lebbeke om de bestreden beslissing in te trekken. Verhoeve's vordering wordt zonder voorwerp, maar de Raad houdt vast aan een volledige kostenveroordeling: 'In de gegeven omstandigheden past het de kosten ten laste van de verwerende partij te leggen, met inbegrip van de door de verzoekende partij gevorderde rechtsplegingsvergoeding van 700 euro.' Het dispositief legt de gemeente 200 euro rolrecht, 24 euro bijdrage en 700 euro rechtsplegingsvergoeding op — samen 924 euro. Eerste auditeur Frederic Eggermont had eensluidend advies gegeven. Opvallend: de rechtsplegingsvergoeding van 700 euro ligt 70 euro lager dan het standaardbedrag van 770 euro dat we in parallel-arrest 256.379 (TrueGen/UAntwerpen, zelfde dag bijna) zien. Dat verschil komt voort uit het bedrag dat Verhoeve zelf in zijn verzoekschrift had gevorderd — de Raad past geen inflatoire correctie toe ex officio.

Waarom doet dit ertoe?

Dit is een van twee bijna-identieke arresten (samen met 256.379 over de SOAR-opdracht van UAntwerpen) waarin de Raad dezelfde week het principe bevestigt: een laattijdige intrekking door de aanbesteder wast de proceskosten niet weg. Voor kleine opdrachten — en een trage-weg-heraanleg in een Oost-Vlaamse gemeente is typisch een dossier van enkele honderdduizenden euro's — is 924 euro proceskosten geen symbolisch bedrag. Het zet aanbesteders onder druk om ofwel vroeger intern te detecteren dat hun selectiebeoordeling niet houdbaar is (en dan ook effectief voor de UDN-deadline in te trekken) ofwel de zitting voluit te voeren. Het arrest toont ook dat de Raad niet spontaan een hogere rechtsplegingsvergoeding toekent dan wat de verzoeker vordert — wie 770 euro wil volgens de geïndexeerde tabel, moet dat uitdrukkelijk vragen, anders blijft men hangen op een verouderd of te laag gevorderd bedrag. Voor de bidder die niet werd geselecteerd, is dit arrest bovendien een bevestiging dat de drempel om een niet-selectiebeslissing aan te vechten lager ligt dan velen denken: je moet niet eerst een schorsing winnen; alleen al door de aanbesteder aan tafel te dwingen via een UDN-beroep dwing je vaak een herevaluatie af.

De les

Als aannemer: een niet-selectiebeslissing is evengoed aanvechtbaar als een niet-gunning. Wanneer je vermoedt dat de selectiecriteria verkeerd zijn toegepast — bijvoorbeeld omdat je klasse of erkenning of referenties niet correct werden beoordeeld — dien dan een UDN in binnen de 15 dagen. Je hoeft geen zekere winst op het fond te hebben; de dreiging van een zitting met auditoraatsadvies is vaak voldoende om de aanbesteder tot herevaluatie of intrekking te bewegen. Als gemeente of lokale aanbesteder: reken voor elk UDN-beroep met een minimale kost van 924-994 euro bij intrekking, los van interne uren voor je advocaten. Als je motivering wankel is, trek dan liever vóór de indiening van de vordering in (via een rechtzettingsbrief aan de niet-geselecteerde inschrijver) — dan vermijd je het formele kostenverhaal.

Te onthouden

  • Niet-selectiebeslissingen zijn via UDN aanvechtbaar, net als gunningsbeslissingen — vaak met hetzelfde intrekkingseffect
  • Een intrekking in de laatste week voor de zitting schuift de kostenrekening door naar de aanbesteder
  • De rechtsplegingsvergoeding die je in het petitum vordert is bindend — de Raad rekent niet ambtshalve op
  • Totale kosten bij intrekking in UDN: typisch 924 tot 994 euro voor de aanbesteder
  • Een vordering 'zonder voorwerp' is procedureel een verwerping maar materieel een winstpunt

Waarop letten

  • Gunningsbeslissingen die selectie en gunning samenvoegen — beide aspecten zijn via UDN aanvechtbaar
  • Intrekkingsbrieven van een lokale aanbesteder enkele dagen voor de zitting — zorg dat je kostenvordering expliciet in het verzoekschrift staat
  • De indexatie van rechtsplegingsvergoedingen: vraag altijd het actueel geïndexeerde bedrag, niet het oude standaardbedrag
  • Werken-opdrachten voor heraanleg of herinrichting met besteknummers van 2022 — deze procedures worden nu massaal gegund en de rechtspraak van 2023 zal structureel relevant blijven

Stel jezelf de vraag

Heb je in je UDN-verzoekschrift expliciet een rechtsplegingsvergoeding gevorderd én het juiste bedrag volgens de geldende tabel (momenteel tussen 770 en 1.540 euro voor UDN-zaken, geïndexeerd)? De Raad past geen ambtshalve bijsturing toe — het bedrag dat je in je petitum noemt, is wat je krijgt.

Gerelateerde arresten

Over deze databank

De Raad van State is het hoogste administratieve rechtscollege in België. Bij geschillen over overheidsopdrachten — van de gunning van een contract tot de uitsluiting van een inschrijver — is het de Raad van State die in laatste instantie oordeelt. De arresten in deze databank zijn door TenderWolf samengevat in begrijpelijke taal, met concrete lessen voor inschrijvers en aanbestedende overheden. Bekijk alle arresten →