Ervaring van de inschrijver als gunningscriterium: het departement MOW struikelt over het onderscheid selectie/gunning
De Raad van State schorst de gunning van een raamovereenkomst voor plan- en projectvoorbereiding in en aan de vaarweg omdat het tweede gunningscriterium feitelijk peilde naar de ervaring van de inschrijver — een klassiek selectiecriterium — in plaats van naar de intrinsieke waarde van de offerte.
Wat gebeurde er?
Het departement Mobiliteit en Openbare Werken van de Vlaamse overheid plaatst een enkelvoudige raamovereenkomst voor diensten met als voorwerp 'Plan- en projectvoorbereiding infrastructuur en baggerwerken in en aan de vaarweg' — typisch intellectuele dienstverlening in een zeer gespecialiseerde materie. Het bestek bevat twee gunningscriteria, waarvan het tweede (50 punten) de onheilspellende naam 'Capaciteit om het volledige spectrum van de opdracht aan te kunnen' draagt. De omschrijving laat weinig aan de verbeelding over: 'De inschrijver wordt beoordeeld op basis van zijn aantoonbare ervaring en deskundigheid' met betrekking tot 'gebiedservaring' en 'specialistische kennis', gestaafd door maximum drie referentieprojecten uit de afgelopen vijf jaar. Twee inschrijvers dienen een offerte in: de BV S. en een concurrent. Op 12 februari 2026 gunt het departement de opdracht aan de concurrent. De BV S. stapt naar de Raad van State in uiterst dringende noodzakelijkheid. Haar tweede middel raakt de kern: door 'ervaring en deskundigheid van de inschrijver' als gunningscriterium te hanteren, worden selectiecriteria (art. 71 van de wet van 17 juni 2016) en gunningscriteria (art. 81) vermengd. De aanbestedende overheid verdedigt zich: het gaat om een gunningscriterium dat peilt naar intrinsieke waarde, want de referentieprojecten bevatten ook informatie over 'het gebruikte team, de aanpak en de geleerde lessen' — dus art. 81, §2, eerste lid, b) (organisatie, kwalificatie en ervaring van het personeel voor de uitvoering). De Raad van State is niet overtuigd. Eerst het principe: het onderzoek aan de gunningscriteria peilt naar de intrinsieke waarde van de offertes, het onderzoek aan de selectiecriteria naar de geschiktheid van de inschrijvers. Art. 81 §2 b) is een uitzondering voor intellectuele diensten waarbij het personeel een aanzienlijke invloed heeft op het uitvoeringsniveau — maar dan moet de overheid dat ook aantonen. En hier? Het criterium zelf zegt letterlijk dat 'de inschrijver' wordt beoordeeld, niet de offerte. 'Informatie over het gebruikte team' is slechts één van de kenmerken waarop de referentieprojecten worden beoordeeld. En het gunningsverslag peilt enkel naar de referenties van de inschrijvers zelf en hun capaciteiten, niét naar het personeel dat voor de concrete opdracht zal worden ingezet, laat staan naar een aantoonbare link tussen dat personeel en het uitvoeringsniveau. Het tweede middel is ernstig. De Raad beveelt de schorsing van de gunningsbeslissing bij uiterst dringende noodzakelijkheid.
Waarom doet dit ertoe?
Dit is een klassieker die telkens opnieuw bij de Raad van State eindigt: selectiecriteria worden als gunningscriteria verpakt. Bij intellectuele diensten (studiebureaus, architecten, adviseurs) bestaat de verleiding altijd om 'referentieprojecten' of 'ervaring met gelijkaardige opdrachten' mee te scoren. Dat mag — maar alléén binnen de strikte contouren van art. 81, §2, eerste lid, b): het criterium moet peilen naar de organisatie, kwalificatie en ervaring van het personeel dat de opdracht zal uitvoeren, én de aanbestedende overheid moet aantonen dat die personeelskwaliteit een aanzienlijke invloed heeft op het niveau van de uitvoering. Generieke bedrijfservaring is géén gunningscriterium.
De les
Als je bij een opdracht voor intellectuele diensten 'ervaring' of 'referentieprojecten' wilt laten meewegen in de gunning, zorg dan dat je criterium (1) expliciet peilt naar het team dat de opdracht zal uitvoeren en niet naar de onderneming in het algemeen, (2) in het bestek uitlegt waarom de kwaliteit van dat personeel een aanzienlijke invloed heeft op het uitvoeringsniveau, en (3) je beoordelingsverslag dat ook effectief toetst aan het voorgestelde team, niet aan de algemene referenties van de inschrijver.
Te onthouden
- Ervaring van de inschrijver = selectiecriterium (art. 71). Ervaring van het team dat de opdracht uitvoert kan een gunningscriterium zijn, maar alleen via art. 81, §2, eerste lid, b).
- Art. 81 §2 b) vereist dat de aanbestedende overheid aantoont dat de kwaliteit van het personeel een aanzienlijke invloed kan hebben op het uitvoeringsniveau — dit moet expliciet uit het dossier blijken.
- Het gunningsverslag moet effectief peilen naar het voorgestelde team, niet naar de algemene referenties van de inschrijver.
- Een bestektekst die letterlijk zegt 'de inschrijver wordt beoordeeld' is een rode vlag: dan vermengt je criterium selectie en gunning.
- Bij een ernstig middel volstaat het dat de Raad van State oordeelt dat de aanbestedende overheid iets 'op het eerste gezicht' niet aantoont — de bewijslast ligt bij de overheid.
Waarop letten
- Gunningscriteria die 'referentieprojecten' vragen zonder onderscheid tussen de onderneming en het team dat de opdracht uitvoert.
- Formuleringen als 'de inschrijver wordt beoordeeld op zijn aantoonbare ervaring en deskundigheid' in een gunningscriterium — dit hoort bij de selectie.
- Beoordelingsverslagen die de referentielijst van een onderneming scoren zonder in te gaan op het concrete projectteam.
- Verdedigingslijn 'maar informatie over het team zit ook in de referenties' — volstaat niet als slechts één van meerdere kenmerken.
Stel jezelf de vraag
Neem je meest recente bestek voor een dienstenopdracht waarin 'ervaring' of 'referenties' als gunningscriterium worden gebruikt. Staat in de beoordeling letterlijk 'de inschrijver wordt beoordeeld op…' of 'het voorgestelde team wordt beoordeeld op…'? Als het eerste — herschrijf voor je gunt.
Gerelateerde arresten
Over deze databank
De Raad van State is het hoogste administratieve rechtscollege in België. Bij geschillen over overheidsopdrachten — van de gunning van een contract tot de uitsluiting van een inschrijver — is het de Raad van State die in laatste instantie oordeelt. De arresten in deze databank zijn door TenderWolf samengevat in begrijpelijke taal, met concrete lessen voor inschrijvers en aanbestedende overheden. Bekijk alle arresten →