Een concessieprijs van 99,8% — en niemand controleert of die op dezelfde basis berekend is als die van de concurrenten
De Raad van State schorst de gunning van de parkeerconcessie van de stad Aat omdat de winnaar zijn redevance-percentage berekende op kosten inclusief btw, terwijl de concurrenten dat deden op kosten exclusief btw — twee onvergelijkbare grondslagen voor hetzelfde gunningscriterium.
Wat gebeurde er?
De stad Aat schrijft op 19 juni 2025 een vereenvoudigde Europese aanbesteding uit voor een concessie van vijftien jaar voor het beheer en de exploitatie van de controle op het kortparkeren in de openbare ruimte: controle, inning van retributies, plaatsen en onderhouden van parkeerautomaten en bewonerskaarten. Geschatte omzet zonder btw: ruim 9 miljoen euro. Het belangrijkste gunningscriterium (45 punten op 100) is het percentage van het exploitatieresultaat dat de concessiehouder aan de stad afdraagt — wie het hoogste percentage biedt, krijgt de volle 45 punten. Drie kandidaten dienen in: City Parking, Indigo Park Belgium en Interparking. Op 5 maart 2026 wijst Aat de concessie toe aan Indigo, op basis van een offerte met een onwaarschijnlijk hoge redevance van 99,8% van het exploitatieresultaat én een gegarandeerd jaarlijks minimum van 350.000 euro. City Parking trekt naar de Raad van State en voert aan dat dit percentage onmogelijk kan kloppen tenzij Indigo zijn kosten berekent inclusief btw — wat de uitkomst zou vervalsen omdat de andere inschrijvers hun kosten exclusief btw hebben opgegeven. Tijdens de zitting bevestigt Indigo dat zij effectief al haar uitgaven inclusief btw in de exploitatierekening heeft opgenomen, terwijl City Parking (en blijkbaar ook Interparking) dat exclusief btw hebben gedaan. De stad Aat reageert met een 'letterlijke en coherente' lezing van haar eigen bestek — maar de Raad ontleedt artikel per artikel. Artikel 2.13 spreekt van 'kostprijs' ('prix de revient'), wat in beginsel exclusief btw is. Artikel 2.26 (over belastingen) ziet enkel op heffingen die op de parkeerautomaten rusten, niet op de algemene btw. Artikel 1.2.4 maakt duidelijk dat de btw die de concessiehouder zelf moet betalen geen aftrek mag zijn vóór toepassing van het percentage, maar dat is iets heel anders dan 'kosten inclusief btw aftrekken'. De Raad besluit dat de stad twee offertes heeft beoordeeld die op fundamenteel verschillende parameters zijn opgebouwd. Dat schendt de beginselen van gelijke behandeling en niet-discriminatie. De schorsing wordt uitgesproken; de uitvoering is onmiddellijk.
Waarom doet dit ertoe?
Bij een concessie waar de prijs een afdrachtpercentage is in plaats van een vast bedrag, lijkt de vergelijking eenvoudig: 99,8% slaat 90% en die slaat 80%. Maar het percentage zegt niets als je niet weet waarover het berekend wordt. Hier was de noemer (het exploitatieresultaat) bij elke inschrijver iets anders, en de aanbesteder heeft dat verschil niet zien aankomen. Voor bid managers die in concessies actief zijn — parkeren, afval, sportinfrastructuur, kabel, telecom — is dit een wake-up call: lees nauwkeurig of de kostenbasis in het bestek hard genoeg is omschreven, en stel een vraag op het forum als die ambigue is. Voor aanbesteders is de les pijnlijker: als je gunningscriterium 'percentage van X' is, dan moet 'X' tot op de centième identiek berekend worden door iedereen. Schrijf dat met zoveel woorden in je bestek, of beoordeel niet voor je het uitgevraagd hebt.
De les
Als je een concessie organiseert met een afdrachtpercentage als gunningscriterium, definieer dan tot in detail wat de berekeningsbasis is: bruto-omzet of netto-omzet, btw in of uit, welke kostenposten in mindering, en welke documenten ter staving. Doe je dat niet, dan vergelijk je tijdens de beoordeling appelen met peren — en dat is wat de Raad hier laakt. Als bid manager bij een concessie waar het bestek over 'percentage van exploitatieresultaat' spreekt zonder verdere definitie: stel een vraag op het e-Procurement-forum vóór je inschrijft. Een onbeantwoorde vraag verzwakt later jouw positie, maar geeft tegelijk een aanknopingspunt om de gunning aan te vechten als de aanbesteder geen helderheid heeft gebracht.
Te onthouden
- Bij een gunningscriterium 'percentage van X' moet 'X' bij alle inschrijvers identiek berekend zijn — anders schendt de beoordeling de gelijke behandeling
- De term 'kostprijs' ('prix de revient') in een bestek verwijst in beginsel naar bedragen exclusief btw
- Een 'letterlijke en coherente' lezing achteraf door de aanbesteder kan een dubbelzinnig bestek niet redden — de Raad kijkt naar wat een redelijke inschrijver vooraf kon lezen
- De principes van transparantie en gelijke behandeling vereisen dat de aanbesteder dubbelzinnige bestekclausules vóór de gunning verheldert, niet pas in zijn nota voor de Raad
Waarop letten
- Een gunningscriterium dat een percentage of ratio is zonder strikte definitie van noemer en teller
- Een redevance-percentage dat zo hoog ligt (90%+) dat de winst van de concessiehouder feitelijk uit een impliciete kostencorrectie moet komen
- Een aanbesteder die op het forum vragen over de fiscale behandeling 'doorschuift' ('niet ons probleem') in plaats van een uniforme regel te geven
- Een bestek waarin 'kostprijs', 'kosten', 'lasten' en 'uitgaven' door elkaar worden gebruikt zonder fiscale precisering
Stel jezelf de vraag
In je concessiebestek of -beoordeling: kun je per uitgavenpost van élke inschrijver aanduiden of die met of zonder btw is meegeteld, en is dat consistent toegepast?
Gerelateerde arresten
Over deze databank
De Raad van State is het hoogste administratieve rechtscollege in België. Bij geschillen over overheidsopdrachten — van de gunning van een contract tot de uitsluiting van een inschrijver — is het de Raad van State die in laatste instantie oordeelt. De arresten in deze databank zijn door TenderWolf samengevat in begrijpelijke taal, met concrete lessen voor inschrijvers en aanbestedende overheden. Bekijk alle arresten →