Autre Chambre francophone

Intrekking van de bestreden beslissing? Dan draagt de opdrachtgever de kosten

Arrêt nr. 262690 · 21 mars 2025 · VIe kamer

De Raad van State stelt vast dat een schorsings- en vernietigingsberoep zonder voorwerp is geworden doordat de opdrachtgever de bestreden gunningsbeslissing heeft ingetrokken, en legt de proceskosten ten laste van de opdrachtgever omdat die intrekking een surrogaat is van een vernietiging.

Que s'est-il passé ?

Het Brussels Hoofdstedelijk Gewest gunde op 21 december 2023 een raamovereenkomst voor diverse werken in het Brusselse ondergrondse netwerk aan Viabuild. SRL Atelier Jordens, gerangschikt als tweede, vorderde op 30 januari 2024 de schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid en diende op 29 februari 2024 een vernietigingsberoep in. De zaak werd aanvankelijk sine die uitgesteld. Op 18 maart 2024 trok het Gewest de gunningsbeslissing in — naar aanleiding van vermoedens van abnormaal lage prijzen bij Viabuild. Die intrekking werd aan alle inschrijvers betekend behalve aan Viabuild zelf, al werd die later geïnformeerd toen het Gewest haar ondervroeg over bepaalde prijzen. Op 29 april 2024 nam het Gewest een nieuwe gunningsbeslissing, opnieuw ten gunste van Viabuild, waartegen Atelier Jordens een apart vernietigingsberoep instelde. De Raad paste artikel 30 §5 van de Gecoördineerde Wetten toe en stelde vast dat zowel de schorsingsvordering als het vernietigingsberoep zonder voorwerp waren geworden. Over de proceskosten oordeelde de Raad dat de intrekking van de bestreden beslissing een surrogaat is van een vernietiging: de opdrachtgever moet worden beschouwd als de verliezende partij in de zin van artikel 30/1. Het argument van het Gewest — dat door de terugwerkende kracht van de intrekking de verzoeker nooit benadeeld was geweest en dus nooit belang had gehad — werd verworpen. Atelier Jordens kreeg een rechtsplegingsvergoeding van 770 euro toegekend.

Pourquoi c'est important ?

Dit arrest verduidelijkt de kostenverdeling wanneer een opdrachtgever zijn eigen beslissing intrekt tijdens de procedure. De intrekking wordt beschouwd als een surrogaat van een vernietiging, waardoor de opdrachtgever als verliezende partij de kosten draagt. Het argument dat de terugwerkende kracht van de intrekking elk belang van de verzoeker retroactief opheft, houdt geen stand. Voor inschrijvers is dit geruststellend: als je vordering haar voorwerp verliest door een intrekking, draai je niet op voor de kosten.

La leçon

Als de opdrachtgever de bestreden beslissing intrekt tijdens de procedure, verliest je beroep weliswaar zijn voorwerp, maar je hoeft niet te vrezen voor de proceskosten. De intrekking wordt beschouwd als een surrogaat van een vernietiging, en de kosten worden ten laste gelegd van de opdrachtgever. Richt je aandacht vervolgens op de nieuwe beslissing die in de plaats komt.

Posez-vous la question

Als de opdrachtgever de bestreden beslissing heeft ingetrokken: heb ik de nieuwe beslissing die in de plaats komt onderzocht en, indien nodig, een nieuw beroep ingesteld?

À propos de cette base de données

Le Conseil d'État (Raad van State) est la plus haute juridiction administrative de Belgique. En matière de marchés publics — de l'attribution d'un contrat à l'exclusion d'un soumissionnaire — le Conseil d'État tranche en dernier ressort. Les arrêts de cette base de données sont résumés par TenderWolf en langage clair, avec des leçons pratiques pour les soumissionnaires et les pouvoirs adjudicateurs. Voir tous les arrêts →