Verwerping Franstalig college

Een prijsverantwoording die de Bureau des Prix-raming én de gevraagde justifications van eenheidsprijzen samenvat, volstaat ook al berekent ze maar 60% van het offertebedrag

Arrest nr. 245705 · 9 oktober 2019 · VIe kamer

De Raad van State verwerpt de annulatie van de gunning aan Colas Belgium voor de E411-rehabilitatie (8,89 mio €), omdat een aanbestedende overheid die haar prijsonderzoek baseert op een raming van de Bureau des Prix én op gemotiveerde justifications van bepaalde eenheidsprijzen waarover ze de inschrijver heeft bevraagd, voldoet aan haar onderzoeks- en motiveringsplicht — ook als die analyse minder dan twee derde van het offertebedrag dekt.

Wat gebeurde er?

Op 27 november 2017 gunt SOFICO — de Waalse vennootschap voor aanvullende financiering van infrastructuur — een opdracht voor werken aan de NV Colas Belgium (Agence Sud-Est): de rehabilitatie van de autosnelweg E411 tussen kilometerpaal 49.200 en 56.500, in beide rijrichtingen. Aanbestedingsbedrag: 8.891.878,46 € HTVA. Bestek nr. CSC 16N64. Verzoekers: NV Viabuild Sud en NV Viabuild — die geweigerde inschrijvers waren. Viabuild dient eerst een vordering tot schorsing in via UDN. Bij arrest nr. 240.422 van 15 januari 2018 verwerpt de Raad van State die vordering en aanvaardt hij de tussenkomst van Colas Belgium. Daarna gaat de procedure 'au fond': een verzoek tot nietigverklaring, ingediend per aangetekende brief op 26 januari 2018 (postdatum, dus binnen de termijn — de stempel van de griffie op 30 januari 2018 doet er niet toe). Het enige middel valt uiteen in twee onderdelen, beide rond de prijsverantwoording. Eerste onderdeel: tegen de motivering van het feit dat de Bureau des Prix de prijzen 'normaal' achtte. Viabuild stelt dat zij weliswaar over de marktdocumenten en het Bureau des Prix-advies beschikten, maar dat 'het Bureau des Prix-advies niet de andere eenheidsprijzen van Colas vermeldt' en zij geen toegang hebben tot de offerte van Colas. Zij kunnen 'logischerwijs bepaalde conclusies trekken uit de concrete gegevens waarover ze beschikken om zich uit te spreken over het karakter van prijzen en posten waarvan ze geen kennis hebben'. De motivering 'noemt de normaliteit van eenheidsprijzen' maar dat is volgens Viabuild geen onderscheiden motief — het Bureau des Prix heeft zijn algemene raming juist en uitsluitend gebaseerd op (een deel van) de eenheidsprijzen. Tweede onderdeel: tegen de aanvaarding van de justifications die Colas verschafte voor bepaalde eenheidsprijzen. Viabuild stelt dat 'de motieven van de bestreden akte geen verantwoording van de eenheidsprijzen kunnen vormen in de zin van artikel 21 § 3 KB 15 juli 2011'. Een prijs gebaseerd op 'het tarief van een onderaannemer met een marge' is volgens hen onvoldoende. De Raad van State, in zijn 'au fond'-arrest, neemt de redenering uit het schorsingsarrest 240.422 over en bevestigt deze. Wat het eerste onderdeel betreft: het Bureau des Prix-advies is een geldige steun voor de motivering. Dat verzoekers geen volledig zicht hebben op de offerte van Colas is inherent aan de vertrouwelijkheidsverplichting van de aanbestedende overheid. De normaliteit-conclusie van het Bureau des Prix (gebaseerd op de eenheidsprijzen die het wel kon onderzoeken) is geen 'circulaire motivering' maar een onafhankelijke beoordeling die zichzelf draagt, zelfs als ze niet exhaustief alle eenheidsprijzen omvat. Wat het tweede onderdeel betreft: het arrest weegt twee preciseringen die Viabuild aanbrengt. Eén: 'een verantwoording bestaande in de prijs van een onderaannemer, vermeerderd met winst, is onvoldoende.' De Raad oordeelt dit grief inoperant — de aanbestedende overheid heeft niet 'zonder meer' de verwijzing naar onderaannemerprijzen aanvaard, maar heeft (na bijkomende vragen) ook geverifieerd dat die prijzen de gevraagde prestaties dekten. Twee: 'de motieven hebben betrekking op het feit dat de prijzen de gevraagde prestaties omvatten en beperken zich tot een eenvoudige bevestiging van de normaliteit.' Ook dit is op zich onvoldoende om een kennelijke beoordelingsfout vast te stellen, omdat verzoekers geen specifieke omstandigheden inroepen waaruit blijkt dat de aanbestedende overheid louter de justifications van Colas heeft 'overgenomen' zonder elementaire verificatie. Conclusie: de motivering van de bestreden akte is 'naar recht voldoende'. Geen kennelijke beoordelingsfout, geen schending van het zorgvuldigheidsbeginsel. Verzoek verworpen, 700 € rechtsplegingsvergoeding plus 400 € rolrechten ten laste van Viabuild.

Waarom doet dit ertoe?

Het arrest is interessant voor wie zich afvraagt hoe ver de motiveringsplicht reikt bij de aanvaarding van een prijsverantwoording. Uit de praktijk weet u: de aanbestedende overheid moet bij abnormaal lijkende eenheidsprijzen om justifications vragen. De vraag die rijst is wat de aanbestedende overheid daarna moet doen. Volstaat een aanvaarding 'na onderzoek'? Volstaat een verwijzing naar de Bureau des Prix-raming? Of moet de aanbestedende overheid elke verantwoording lijn per lijn naar de derden gemotiveerd weergeven? Dit arrest biedt een nuttige tussenpositie. Wat de Raad eist, is geen exhaustieve aritmetische verantwoording over alle eenheidsprijzen, maar een dossier dat aantoont dat de aanbestedende overheid (1) effectief vragen heeft gesteld waar twijfel bestond, (2) niet de antwoorden van de inschrijver klakkeloos heeft overgenomen maar elementair heeft geverifieerd dat de prijzen de prestaties dekken, en (3) zich heeft kunnen steunen op een onafhankelijke externe raming (zoals die van de Bureau des Prix) als globale plausibility check. Een verwijzing naar onderaannemerstarieven is niet automatisch onvoldoende, mits gecombineerd met die elementaire verificatie. Voor verzoekers die een gunning willen aanvechten op grond van abnormale prijzen: het volstaat niet om aan te tonen dat het advies van de Bureau des Prix niet alle posten dekt. U moet specifieke omstandigheden inroepen — bijvoorbeeld klaarblijkelijk te lage onderaannemerstarieven, een prijszetting die structureel onmogelijk lijkt voor de aangeboden prestaties, of een aanwijsbaar gebrek aan elementaire verificatie door de aanbestedende overheid. De grens tussen 'oppervlakkig' en 'effectief' onderzoek is in dit dossier doorslaggevend; zonder concrete omstandigheden krijgt de aanbestedende overheid het voordeel van de twijfel.

De les

Als u een gunning wilt aanvechten omdat de prijsverantwoording oppervlakkig lijkt: bouw uw middel op concrete omstandigheden. Een verwijzing naar 'Bureau des Prix dekt slechts 60% van het offertebedrag' volstaat niet als de aanbestedende overheid kan aantonen dat zij ook bijkomende vragen heeft gesteld over de andere eenheidsprijzen en dat zij elementair heeft geverifieerd of de antwoorden de prestaties dekken. Toon aan WAT specifiek niet werd geverifieerd of WAT klaarblijkelijk onhoudbaar was — niet alleen wat niet werd verantwoord.

Te onthouden

  • Een aanbestedende overheid voldoet aan haar prijsonderzoek-plicht door (1) Bureau des Prix-raming, (2) bijkomende vragen aan de inschrijver over twijfelachtige eenheidsprijzen, en (3) elementaire verificatie of de antwoorden de prestaties dekken
  • De motivering hoeft geen exhaustieve aritmetische verantwoording te zijn over alle eenheidsprijzen; een verwijzing naar het advies van de Bureau des Prix met steun voor de besluitvorming kan volstaan
  • Een verantwoording op basis van onderaannemerstarieven met marge is niet automatisch onvoldoende, mits de aanbestedende overheid heeft geverifieerd dat die prijzen de gevraagde prestaties dekken
  • Verzoekers die de prijsverantwoording aanvechten zonder specifieke omstandigheden in te roepen, krijgen geen kennelijke beoordelingsfout vastgesteld
  • Bij een verzending per aangetekende brief telt de postdatum, niet de griffiestempel — een verschil van enkele dagen kan beslissend zijn voor de tijdigheid

Waarop letten

  • Een prijsverantwoording die enkel uit een algemene Bureau des Prix-raming bestaat zonder bijkomende vragen aan de inschrijver — daar zit een aanknopingspunt voor verwerping
  • Een aanbestedende overheid die de justifications van een inschrijver letterlijk overneemt in haar gunningsbeslissing zonder eigen evaluatie — verraadt gebrek aan effectief onderzoek
  • Onderaannemerstarieven die structureel onder marktwaarde liggen en waarvoor geen aanvullende uitleg is gevraagd — concrete omstandigheid die u in uw beroep kunt aanwenden
  • Vertrouwelijkheidsclaims van de aanbestedende overheid mogen geen excuus zijn voor afwezigheid van motivering: de motivering moet u in staat stellen de besluitvorming te begrijpen, ook zonder volledige inzage in de offerte van de winnaar

Stel jezelf de vraag

Wanneer ik een gunning betwist op abnormale prijzen: heb ik (1) een concrete omstandigheid die wijst op kennelijk onhoudbare prijzen (bv. lager dan inkoopkosten), (2) een aanwijzing dat de aanbestedende overheid louter de justifications heeft overgenomen zonder elementaire verificatie, of (3) een specifieke post waarvoor zelfs het Bureau des Prix-advies niet aanvaardbaar lijkt? Indien geen van drieën: middel sneuvelt.

Gerelateerde arresten

Over deze databank

De Raad van State is het hoogste administratieve rechtscollege in België. Bij geschillen over overheidsopdrachten — van de gunning van een contract tot de uitsluiting van een inschrijver — is het de Raad van State die in laatste instantie oordeelt. De arresten in deze databank zijn door TenderWolf samengevat in begrijpelijke taal, met concrete lessen voor inschrijvers en aanbestedende overheden. Bekijk alle arresten →