Verwerping Franstalig college

Een prijs van 0 euro is altijd verdacht, 1 euro meestal niet — en dat verschil rechtvaardigt verschillende onderzoeken

Arrest nr. 261192 · 24 oktober 2024 · VIe kamer

De Raad van State verwerpt de uiterst dringende schorsing: dat Bruxelles-Propreté de offerte van gerechtsdeurwaarder M.L. (met vier posten op 0 €) heeft uitgesloten via het strenge prijsonderzoek van artikel 36 en de offerte van Exelia-Alterius (met posten van 1 € en 15 € per dossier) via de lichtere verificatie van artikel 35, is géén ongelijke behandeling: 0 € is volgens vaste rechtspraak altijd een schijnbaar abnormale prijs, 1 € niet noodzakelijk.

Wat gebeurde er?

Bruxelles-Propreté schreef eind 2023 een openbare procedure uit voor een overheidsopdracht voor diensten 'conseils et gestion de contentieux en recouvrement' (bestek BP 22/2209) — geraamd rond 268.620 € HTVA voor twee jaar, met twee mogelijke verlengingen. Gunningscriteria: prijs en methodologie. Twee offertes: gerechtsdeurwaarder Étude M.L. (67.155 € TTC) en de groepering Exelia-Alterius/CSMG (105.754 € TTC — een advocatenkantoor samen met een gerechtsdeurwaarder uit Charleroi). Op 7 maart 2024 werd de opdracht eerst aan M.L. gegund. Maar Exelia-Alterius diende een klacht in, en op 10 april 2024 trok Bruxelles-Propreté die beslissing weer in: M.L.'s offerte werd alsnog onregelmatig verklaard omdat hij voor vier posten (procedure RCCI, gerechtelijke reorganisaties, invordering bij oud-personeel, adviesprestaties) eenheidsprijzen van 0 € had geboden — zonder aanvaardbare rechtvaardiging. Een eerdere schorsingsvordering van M.L. tegen die intrekking werd verworpen (arrest 259.817 van 22 mei 2024). Op 9-11 juli 2024 werd de opdracht aan Exelia-Alterius gegund. M.L. stapt opnieuw naar de Raad. Zijn kernargument: Exelia-Alterius bood 1 €/dossier voor de RCCI-procedure en 15 €/dossier voor een debat-succincts-procedure — dat is evengoed abnormaal, en de aanbesteder had de offerte van Exelia dan óók via de zware artikel 36-procedure moeten beoordelen. Doordat Bruxelles-Propreté alleen de 'lichte' artikel 35-verificatie deed bij Exelia, maar de scherpe artikel 36-procedure bij M.L., werden gelijke situaties ongelijk behandeld. De Raad volgt dat niet. Eerst de methodische basis: artikelen 33, 35 en 36 KB Plaatsing organiseren het prijsonderzoek in twéé stappen. Stap 1 (art. 35) is verplicht: elke offerte wordt globaal en op eenheidsprijsniveau gecontroleerd, eventueel met inlichtingen aan de inschrijver. Stap 2 (art. 36) volgt alleen bij effectieve verdenking van abnormale prijzen. De aanbesteder heeft bij artikel 35 een ruime beoordelingsbevoegdheid. Vervolgens de kern: 'un prix 0 EUR doit en principe toujours être considéré comme un prix apparemment anormal, ce qui n'est pas le cas pour un prix d'1 EUR'. Een prijs van 1 €/dossier × 1.000 verondersteld dossiers = 1.000 €/jaar is iets — 0 €/dossier × om het even welke hoeveelheid blijft 0 €, en kan per definitie geen kosten dekken. Exelia-Alterius heeft bovendien per post een gedetailleerde uitleg gegeven (vertrouwelijke brief van 10 mei 2024): de 1 € dekt enkel de advocatenprestatie in stap 1 van vijf stappen van de RCCI-procedure, alle andere prestaties worden vergoed via het gerechtsdeurwaarderstarief van het KB van 30 november 1976. Voor de 15 €/dossier-post leggen ze geautomatiseerde workflows, bundeling van dossiers per zitting en schaalvoordelen uit. De aanbesteder mocht die uitleg aanvaarden zonder manifeste beoordelingsfout. Dat M.L. zijn 0 €-prijs justifieerde op basis van 'globale compensatie' tussen posten werd niet aanvaard, precies omdat artikel 36 vereist dat elke verdachte eenheidsprijs afzonderlijk wordt gemotiveerd. Bijkomend argument van M.L. — dat Exelia pas na de intrekking van 10 april 2024 werd bevraagd en dus 'wist welke uitleg níet werkte' — wordt afgewezen: Exelia werd gevraagd hoe zij haar offerte had opgesteld, wat ruim vóór die intrekking gebeurde. Een nieuw middel aan de zitting over de bevoegdheid van de auteur van de akte (delegatie aan de leidend ambtenaar) wordt ontvankelijk verklaard (openbare orde), maar ongegrond: de overheidsopdracht valt binnen de delegatie van artikel 8 §1 van het BBHR van 29 oktober 2011 en binnen de missies van Bruxelles-Propreté (ordonnantie 19/07/1990). Schorsing verworpen.

Waarom doet dit ertoe?

Voor bid managers die concurrenten willen aanvallen op abnormale prijzen is dit een sluitende stresstest. Je gaat het niet redden met 'zij boden ook iets laags' — je moet aantonen dat de aanbesteder een manifeste beoordelingsfout heeft gemaakt bij de acceptatie van die uitleg. De Raad volgt consequent de scheidslijn tussen wat marketbaar uit te leggen valt (een schaalvoordeel, een gebundelde workflow, een kruissubsidie binnen een groepering) en wat objectief niet meer kan (een prijs van nul). Wie 0 € biedt en dat rechtvaardigt met 'de kosten zitten elders', is eigenlijk al onregelmatig vóór de verificatie begint. Voor aanbesteders is de les even strikt: een eenheidsprijs verifiëren betekent dat je per post een onderbouwde uitleg vraagt en analyseert, niet een globale kostenafrekening over alle posten heen.

De les

Als je als inschrijver twijfelt of je lage eenheidsprijs nog uitlegbaar is, doe dan deze test vóór je indient. Eerste vraag: kan ik deze prijs rechtvaardigen post per post — niet als globale compensatie, maar als concrete kostenberekening voor déze prestatie? Tweede vraag: dekt mijn uitleg werkelijk de eigen kosten, of laat ik ze betalen door een andere post of een ander contract? Als het antwoord op vraag één nee is, of als je uitleg op 'globale compensatie' steunt, dan word je niet gered door de ruime beoordelingsvrijheid van de aanbesteder. En vooral: zet nooit 0 € neer waar een positieve prijs verwacht wordt. Volgens vaste rechtspraak is een 0 €-prijs per definitie schijnbaar abnormaal, ongeacht je uitleg.

Te onthouden

  • Een prijs van 0 € wordt in de vaste rechtspraak van de Raad van State altijd als schijnbaar abnormaal beschouwd — ongeacht de uitleg
  • Een prijs van 1 €/eenheid is niet automatisch abnormaal — vermenigvuldigd met vermoede hoeveelheden levert dat een reële omzet op
  • Artikel 35 (verplichte verificatie) en artikel 36 (onderzoek bij verdenking) KB Plaatsing zijn twee verschillende instrumenten: verschillende toepassing is geen discriminatie als de prijzen objectief verschillend zijn
  • De aanbesteder heeft bij artikel 35 een ruime beoordelingsbevoegdheid — de Raad toetst alleen op manifeste beoordelingsfout
  • Justificatie op basis van 'globale kostencompensatie tussen posten' volstaat niet — elke verdachte eenheidsprijs moet post per post worden onderbouwd
  • Bundeling van dossiers, schaalvoordelen en kruissubsidie binnen een groepering zijn wél aanvaardbare verklaringen

Waarop letten

  • Je biedt 0 € aan op een of meer posten en rechtvaardigt dat met 'zit al elders' — je offerte is de facto onregelmatig
  • Je concurrent bood een heel lage prijs maar kreeg alleen een artikel 35-verificatie, niet de strengere 36-procedure — dat is juridisch verdedigbaar als hij per post kon uitleggen
  • De aanbesteder aanvaardt uitleg op basis van 'economies d'échelle' omdat de groepering ook andere klanten bedient met gelijkaardig contentieux — Raad aanvaardt dat sinds vaste rechtspraak
  • Je motiveringsbrief werkt met een globaal kostenoverzicht in plaats van per post — dat werkt niet bij een echt prijsonderzoek

Stel jezelf de vraag

Heb je in je offerte een eenheidsprijs onder 10 % van de raming staan? Kun je voor die post een concrete kostenstructuur geven (uren × tarief + overhead + marge) waarin elk bestanddeel positief is? Als een van die bestanddelen nul of negatief moet staan 'omdat het ergens anders betaald wordt', dan heb je een probleem — niet bij indiening, maar bij het prijsonderzoek.

Gerelateerde arresten

Over deze databank

De Raad van State is het hoogste administratieve rechtscollege in België. Bij geschillen over overheidsopdrachten — van de gunning van een contract tot de uitsluiting van een inschrijver — is het de Raad van State die in laatste instantie oordeelt. De arresten in deze databank zijn door TenderWolf samengevat in begrijpelijke taal, met concrete lessen voor inschrijvers en aanbestedende overheden. Bekijk alle arresten →