Schorsing Nederlandstalig college

Een teamlid voor 'akoestiek' eisen zonder enig selectiecriterium voor akoestiek: politiezone Getevallei moet de selectie overdoen

Arrest nr. 259450 · 12 april 2024 · XIIe kamer

De Raad van State schorst de niet-selectie van LAVA Architecten voor de verbouwing van het politiegebouw in Tienen omdat de politiezone haar uitsloot wegens 'ontbrekend teamlid voor akoestiek en veiligheidscoördinatie' — terwijl de selectieleidraad voor die disciplines geen enkel selectiecriterium oplegde en LAVA als enkele rechtspersoon kandideerde, niet als combinatie.

Wat gebeurde er?

Politiezone Getevallei schreef een tweefasige opdracht uit voor een studieopdracht ('Studieopdracht S1360') voor de verbouwing van een Rijksadministratief Centrum tot politiegebouw in Tienen. In de selectiefase (fase 1) konden maximaal drie kandidaten doorgaan naar de offertefase. De selectieleidraad bevatte onder artikel 2.1.1 ('Combinatie zonder rechtspersoonlijkheid') de regel dat als de inschrijver een combinatie zonder rechtspersoonlijkheid is, elk lid aan de selectiecriteria moet voldoen voor het deel dat hij zal uitvoeren, met op straffe van nietigheid een document dat de taakverdeling beschrijft. Onder artikel 2.2.3 werden specifieke selectiecriteria opgelegd voor drie disciplines: architectuur, stabiliteit en technieken — telkens met een vereiste van één gelijkwaardig referentieproject (politiegebouw met netto-bouwkost van minstens 6.500.000 euro). Voor de disciplines 'akoestiek' en 'veiligheidscoördinatie' werden GEEN selectiecriteria geformuleerd. Onder artikel 2.2.5 werd over veiligheidscoördinatie bepaald dat als de inschrijver in-house een veiligheidscoördinator aanbiedt OF een vaste samenwerking heeft, hij daarover de gegevens moet opnemen. Zeven aanvragen werden ingediend. LAVA Architecten kandideerde als enkele rechtspersoon — geen combinatie — en deed beroep op één onderaannemer (waarmee zij de technische bekwaamheid voor 'technieken' aantoonde). In het selectieverslag van 19 februari 2024 werd vastgesteld dat LAVA voor 'akoestiek' en 'veiligheidscoördinatie' geen teamlid had aangeduid, geen taakverdeling had gegeven en geen UEA / verbintenisverklaring had bijgevoegd. Op 28 februari werd de niet-selectie goedgekeurd: drie van de zeven kandidaten kregen 'onontvankelijk', waaronder LAVA. LAVA trok in UDN naar de Raad van State met een enig middel in vier onderdelen. De Raad onderzocht systematisch op welke bestekbepaling de niet-selectie kon steunen. Eerst artikel 2.1.1: dit geldt enkel voor combinaties zonder rechtspersoonlijkheid. LAVA was geen combinatie, dus deze bepaling kon haar niet gebonden hebben. De Raad merkte op dat de term 'samenwerkingsverband' in 2.1.1 in lijn is met de definitie van 'ondernemer' in artikel 2, 10° van de wet 2016 en met richtlijn 2014/24/EU (overweging 14, artikel 19, lid 2). Tweede: artikel 73 wet 2016 jo artikel 73 KB plaatsing — over UEA en verbintenis voor entiteiten op wier draagkracht de inschrijver een beroep doet. LAVA deed enkel beroep op de draagkracht van haar onderaannemer voor het deel technieken; voor akoestiek en veiligheidscoördinatie was er geen 'beroep op draagkracht', dus geen verplichting tot UEA en verbintenisverklaring. Derde: artikel 2.2.4 selectieleidraad ('Onderaannemers'). De aanbesteder mag in de selectiefase wel vragen welk deel van de opdracht in onderaanneming wordt gegeven (artikel 68, § 4, 10° KB plaatsing). MAAR: dit bewijsmiddel is bedoeld om de technische bekwaamheid van de kandidaat te beoordelen. Voor akoestiek en veiligheidscoördinatie waren prima facie geen kwalitatieve selectie-eisen geformuleerd. Als de aanbesteder op die bepaling wilde steunen om LAVA niet te selecteren, had hij moeten verantwoorden welk gevolg het ontbreken van een opgave heeft op de technische bekwaamheid — dat ontbreekt. Vierde: artikel 2.2.5 over veiligheidscoördinatie. Die bepaling vereist gegevens enkel 'in dat geval' — als de inschrijver in-house een coördinator aanbiedt of een vaste samenwerking heeft. LAVA verklaarde dat zij geen van beide had. De aanbesteder betwistte dat niet. Dus geen verplichting voor LAVA om gegevens op te nemen. De drie eerste onderdelen waren ernstig. De Raad schorste de selectiebeslissing voor wat de niet-selectie van LAVA betreft. Het vierde onderdeel werd niet onderzocht (subsidiair).

Waarom doet dit ertoe?

Aanbesteders maken graag selectieleidraden met gedetailleerde teamsamenstellingen — architectuur, stabiliteit, technieken, akoestiek, EPB, veiligheidscoördinatie, brandweer, soms tot tien disciplines. Maar daarnaast formuleren ze niet voor elk van die disciplines een uitdrukkelijk selectiecriterium. Dit arrest legt het probleem bloot: een discipline die geen selectiecriterium heeft, kan ook niet leiden tot een uitsluiting wegens 'ontbreken'. Voor inschrijvers is dit een belangrijke verdedigingslijn. Word je in fase 1 weggeselecteerd omwille van een ontbrekend teamlid voor een discipline X? Check eerst of de selectieleidraad voor discipline X überhaupt selectiecriteria oplegt (referentieproject, omzet, ervaring). Geen criteria = geen geldige uitsluitingsgrond. Het arrest legt ook nadruk op een nuance: artikel 2.1.1 over combinaties geldt niet voor enkelvoudige rechtspersonen — een aanbesteder mag bepalingen voor combinaties niet ongemerkt uitbreiden naar solo-inschrijvers. Voor aanbesteders: schrijf je een selectieleidraad met disciplines en teamleden? Zorg dat voor élke discipline waarop je een teamlid eist, ook concrete selectiecriteria staan, of werk met een functioneel mechanisme via 'beroep op draagkracht' (waarbij de UEA / verbintenisverklaring wel verplicht is, maar enkel als de inschrijver effectief op die draagkracht steunt).

De les

Als je een kandidatuur indient en je wordt uitgesloten 'wegens ontbrekend teamlid' voor een specifieke discipline, controleer dan in de selectieleidraad of er voor die discipline een echt selectiecriterium staat (referentie, omzet, erkenning, ...). Zonder selectiecriterium is er geen wettige uitsluitingsgrond. Controleer ook of je überhaupt verplicht was die discipline op te geven: artikelen voor 'combinaties zonder rechtspersoonlijkheid' gelden enkel voor combinaties, niet voor solo-rechtspersonen. En de verplichting tot UEA en verbintenisverklaring geldt enkel voor entiteiten op wier draagkracht je effectief beroep doet — niet voor onderaannemers die je hooguit te zijner tijd zou inschakelen.

Te onthouden

  • Een uitsluiting wegens 'ontbrekend teamlid' voor een discipline X vereist dat de selectieleidraad voor discipline X selectiecriteria heeft geformuleerd
  • Bepalingen voor 'combinaties zonder rechtspersoonlijkheid' gelden enkel voor effectieve combinaties, niet voor solo-rechtspersonen
  • UEA en verbintenisverklaring (artikel 73 wet 2016 jo artikel 73 KB plaatsing) zijn verplicht enkel voor entiteiten op wier draagkracht effectief beroep wordt gedaan
  • Artikel 68, § 4, 10° KB plaatsing — opgave van onderaannemers — is een bewijsmiddel voor technische bekwaamheid; zonder kwalitatief selectiecriterium kan het geen uitsluiting dragen
  • Artikel 2.2.5-achtige bepalingen ('in dat geval') gelden enkel als de inschrijver in de hypothese valt — wie geen in-house coördinator heeft, hoeft geen gegevens op te nemen

Waarop letten

  • Een selectieleidraad die disciplines opsomt zonder voor elk een concreet selectiecriterium
  • Een selectieverslag dat 'onontvankelijk' verklaart op basis van vormvereisten zonder verband met een echt selectiecriterium
  • Een aanbesteder die bepalingen voor combinaties toepast op een solo-rechtspersoon (verwarring tussen artikel 2.1.1 en de overige selectiebepalingen)
  • Het verschil tussen 'beroep op draagkracht' (UEA + verbintenis verplicht) en 'opgave van toekomstige onderaannemers' (lichter regime)

Stel jezelf de vraag

Niet-selectiebeslissing in handen? Voor elke 'ontbrekende' discipline waarmee je werd uitgesloten: zoek in de selectieleidraad het bijhorende selectiecriterium (referentieproject, omzet, ervaring, erkenning). Vind je niets — alleen een vermelding van de discipline of de term 'teamlid' — dan heb je een schorsingsgrond. Check ook of je als enkele rechtspersoon hebt ingediend of als combinatie: bepalingen voor combinaties (artikel 'samenwerkingsverband') gelden niet automatisch voor solo-inschrijvers.

Gerelateerde arresten

Over deze databank

De Raad van State is het hoogste administratieve rechtscollege in België. Bij geschillen over overheidsopdrachten — van de gunning van een contract tot de uitsluiting van een inschrijver — is het de Raad van State die in laatste instantie oordeelt. De arresten in deze databank zijn door TenderWolf samengevat in begrijpelijke taal, met concrete lessen voor inschrijvers en aanbestedende overheden. Bekijk alle arresten →